OOSTERGOO, een der drie kw. waarin de prov. Friesland, vroeger verdeeld was; palende N. aan de Noordzee, O. aan Groningen, Z. aan het kw. Zevenwouden en W. aan Westergoo.

Eertijds werd het door de Boorn van dit laatste gescheiden; thans evenwel is dit alles nieuw land, waardoor eene vaart stroomt, welke deze nieuwe landen onder Oostergoo en Westergoo verdeelt. Deze vaart, de Zwette genaamd, loopt zuidwaarts van den Bildt-dijk af, tot aan de Dille-zijl (Krinserarm); hier stroomt zij in de Sneeker-vaart, welke weder op nieuw eene scheiding maakt door de landen tusschen Oostergoo en Westergoo, tot aan Nije-klooster; van daar nam vroeger de Sjaarda-sloot haren aanvang, welke, zuidoostwaarts tot aan den Groenen-dijk vloeijende, bij het Sneeker-meer, van deze twee kwartieren weder op nieuw de grenzen bepaalt, tot aan die rivieren en wateren, welke eene geheele afscheiding dezer landen van het kw. Zevenwouden daarstellen.

Dit kwartier bevat twee steden: Leeuwarden en Dockum, en elf grietenijen, namelijk: Leeuwarderadeel. Ferwerderadeel. West-Dongeradeel, Oost-Dongeradeel, Kollumerland-en-Nieuw-Kruisland, Achtkarspelen, Dantumadeel, Tietjerksteradeel, Smallingerland, Idaarderadeel en Rauwerderhem, benevens de eilanden Ameland en Schiermonnikoog, welke thans mede ieder eene grietenij uitmaken.

Eenige dezer grietenijen bestaan uit hoog kleiland, te weten: Leeuwarderadeel, Ferwerderadeel, West-Dongeradeel en Oost-Dongeradeel. Kollumerland bestaat gedeeltelijk uit hoog kleiland, maar heeft ook veel zand. Achtkarspelen, Dantumadeel, Tietjerksteradeel en Smallingerland zijn allen woud-grietenijen, waarin zeer vele hooge, zandige wei- en bouwlanden gevonden worden, doch ook vele lage en moerassige veenlanden, mitsgaarders meren, poelen enz. Idaarderadeel is wederom eene klei-grietenij, doch van een minder slag, dewijl daarin zeer vele lage landen, meren, poelen enz. worden gevonden. Rauwerderhem eindelijk eene klei-grietenij, en bestaat meerendeels uit best weiland. Echter zijn in Oostergoo, gelijk op vele andere plaatsen in de provincie Friesland, vele lage en weinig opbrengende landen, door het omleggen van polderdijken, grootelijks verbeterd.

Het maakt alzoo thans nagenoeg het grootste gedeelte van het arr. Leeuwarden; beslaat, volgens het kadaster, behalve de eilanden eene oppervlakte van 100,728 bund. 74 v. r. 44 v. ell., en daaronder 97,077 bund. 12 v. r. 12 v. ell. belastbaar land; telt 11,444 h., bewoond door 13,696 huisgez., uitmakende eene bevolking van 66,000 inw., die meest in landbouw, veeteelt en binnenlandschen handel hun bestaan vinden. Ook heeft men er onderscheidene fabrijken en trafijken, als: 7 bierbrouwerijen, 25 branderijen, 3 mouterijen, 21 cichoreifabrijken, 2 zoutkeeten, 4 zeepziederijen, 3 verwfabrijken, 4 verwerijen en klanderijen, 2 wolkammerijen en weverijen, 1 hoedenmakerij, 27 leerlooijerijen, 1 zeemfabriek, 12 lijnbanen, 28 timmerwerven, 13 steen-, pan- en pottenbakkerijen, 4 kalkovens, 12 houtzaag-, 11 olie-, 3 mostaard-, 2 schors-, 3 cement, 3 pel- en 35 korenmolens.

Onderscheidene wateren door dit kwartier, als: de Harlinger- en Dockumer-trekvaart, het Dockumer-diep, de Langemeer, het Bergumermeer, het Kolonels-diep en talrijke vaarten naar de dorpen enz.

Oostergoo, slechts aan eene zijde aan de zee gelegen, heeft minder daarvan te lijden dan Westergoo: want alleen de grietenijen Ferwerderadeel, Oost- en West-Dongeradeel, Kollumerland-en-Nieuw-Kruisland grenzen aan de zee; de overige grietenijen liggen allen meer binnen 's lands; echter heeft het Dockumer-diep in vroeger tijd dikwijls aanmerkelijke schade, vooral aan de grietenij Oost-Dongeradeel en Kollumer-en-Nieuw-Kruisland, veroorzaakt.

Eertijds was er een aanmerkelijk inham, tusschen Oostergoo en Westergoo, de Middelzee of het Boorn-diep genoemd, welke, volgens oude Historieschrijvers, door Romeinsche vloten bevaren werd; doch deze is door aanspoeling, van tijd tot tijd, in vruchtbaar land herschapen, waardoor ook de geheele grietenij het Bildt ontstaan is.

De voornaamste wegen in dit kwartier zijn: de straatweg van Leeuwarden op Groningen, die de griet. Leeuwarderadeel, Tietjerksteradeel en Achtkarspelen doorloopt en te Stroobos de prov. Friesland verlaat. De straatweg van Leeuwarden op Zwolle, welke de griet. Leeuwarderadeel, Idaarderadeel, Utingeradeel, Haskerland, Schoterland en Stellingwerf-Westeinde doorsnijdt, tusschen Blesdijke en Peperga in de prov. Overijssel overgaat; voorts de weg van Leeuwarden op Sneek, die, na de grietenij Leeuwarderadeel, Idaarderadeel en Rauwerderhem doorloopen te hebben, bij Deerzum in Westergoo treedt; terwijl die van Leeuwarden over Franeker op Harlingen, een klein gedeelte van Leeuwarderadeel doorloopt en voorts in Westergoo overgaat.

Het wapen van Oostergoo bestaat in een veld van keel (rood), met twee fasces van zilver.