AKKRUM, kant., prov. Friesland, kw. Zevenwolden, arr. Heerenveen; bevattende de griet. Haskerland en Utingeradeel en daarin de navolgende 13 dorp.: Akkrum, Akmarijp, Haskerdijken, Haskerhorne, Joure, Nes, Nijehaske, Oldeboorn, Oldehaske, Snikzwaag, Terhorne, Terkaple en Westermeer. Het heeft eene bevolking van 7700 inw., die meest hun bestaan vinden in landbouw, veeteelt, veenderij, scheepvaart en handel in boter, kaas en turf.

GREEVEN (DE), water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, dat met eene noordoostelijlke strekking uit het Groote-Hornstermeer, naar het Deel loopt.

HASCHA, plaats in Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, waarvan gewag gemaakt wordt bij een oud schrijver, die door de Bollandisten aangehaald wordt, in de Handelingen der Heiligen (Acta Sanetorum) in het Leven van Dodo den Kluisenaar, stichter van de Haskerkluis, ter plaatse, waar nu Haskerdijken ligt, en weleer het Hasker-konvent gestaan heeft. Deze plaats ligt een uur gaans O. van Oldeboorn.

HASKE (NYE-), d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Nyehaske.

HASKE (OUDE-), d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Oudehaske.

HASKE, voorm. kloost. prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Haskerkonvent.

HASKER-CONVENT, voorm. kl., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Hasker-Konvent.

HASKERDYKEN (NIEUWE-), dijk, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, in het Oosten van de griet. Haskerland.

Deze dijk is, in het jaar 1716, door Jonkheer Philip Frederik Vegelin van Claarbergen, Grietman van Haskerland, aangelegd.

HASKERDYKEN, d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. N. ten W. van Heerenveen, tusschen den straatweg van Heerenveen naar Akkrum en het Monnikerak of de Heerensloot, men telt er 43 h. en 250 inw. die meest hun bestaan vinden in den handel in hooi, vee en turf.

Men heeft er zeer uitgebreide landerijen, het geheele Noordelijke deel der grietenij uitmakende. Opmerkelijk is het, dat men hier omtrent kleiland vindt, hetgeen in deze streken anders onbekend is, doch waarschijnlijk zijn oorsprong aan de oude overstroomingen verschuldigd is. Dit dorp was eertijds een konvent; ook was daarbij eene stins of steenenhuis, dat in het jaar 1422 werd vernietigd.

Dit konvent alleen Haske of Haskerdyken genoemd, heeft zijnen naam medegedeeld aan de geheele grietenij, van tijd tot tijd zijn er eenige huizen bijgebouwd, waaruit eindelijke een geheel dorp geworden is. Het draagt den naam van Haskerdyken naar den binnendijk, langs de oostelijke grenzen aangelegd: die eertijds zeer bogtig en een groot gedeelte van het jaar onbruikbaar zijnde, in het jaar 1716, door den Grietman Jonkheer Philip Frederik Vegelin van Claerbergen verbeterd, en verder westwaarts gelegd is, onder den naam van de Nieuwe-Haskerdijken.

De Herv., die hier wonen, behooren tot de gem. Haskerdijke-en-Nijehaske. Zij hadden hier voorheen een kerkje, met eenen spitsen toren, hetwelk onder den naam van de Kappelle bekend was, om dat het vroeger tot het Hasker Konvent behorde. Dit kerkje is vervangen door eene nieuwgebouwde kerk, welke den 20 September 1818 is ingewijd.

De R. K., welke men er aantreft, behooren tot de stat. van Heerenveen.

De dorpschool, welke tusschen de Nieuwebrug en dit dorp in ligt, wordt door een gemiddeld getal van 50 leerlingen bezocht.

HASKERDYKEN-EN-NYEHASKE, kerk. gem., prov. Friesland, klass. en ring van Heerenveen. Men telt er twee kerken ééne te Haskerdyken en ééne te Nijehaske. Haskerdijken had tot aan 1746 alleen een Predikant. De eerste was Nicolaus Gualtheri of Klaas Wolters, die hier reeds was den 21 Mei 1598, denkelijk al iets vroeger, hij was hier nog in October 1604, doch kreeg in 1603 in Johannes Overwey eenen opvolger. De eerste Predikant voor de Haskerdijken vereenigd met Nijehaske werd in 1746 Theodorus Ernestus Mebius, die eerst te Haskerdijken de pastorie bewoonde, doch het volgende jaar zich een eigen woning onder Nijehaske verschafte, met eenige jaarlijksche schadeloosstelling van de kerkvoogden; hij overleed 24 Augustus 1757.

Nijehaske was tot 1746 met Haskerhorne en Oudehaske vereenigd geweest.

HASKERHORNE, d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. W. van Heerenveen, ter wederzijde van den rijweg tusschen Heerenveen en de Joure, en Z. W. van de Overspitting.

Men telt er 22 h. en ongeveer 150 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw. het land ten Zuiden van den rijweg, tusschen Heerenveen en de Joure, is hoog bouwland en van eenen hoog veenigen aard, doch het noordelijk gedeelte, is, gelijk dat der overige dorpen van de griet. Haskerland, laag, venig, zeer uitgebreid, en weinig bewoond.

De Herv., die men hier aantreft, behooren tot de gem. Haskerhorne-en-Oude-Haske, die hier eene kerk met eenen stompen toren heeft. - De R. K., die er wonen, behooren tot de stat. van Joure. - De dorpschool, welke in het jaar 1837 aanmerkelijke verbeteringen heeft ondergaan, wordt door een gemiddeld getal van 40 leerlingen bezocht.

HASKERHORNE-EN-OUDEHASKE, kerk. gem., prov. Friesland, klass. Heerenveen, ring de Lemmer. Men telt er 690 zielen, onder welke 150 Ledematen, en heeft er twee kerken, ééne te Haskerhorne en ééne te Nyehaske.

De eerste, die hier het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Johannes Jelles Schotanus, die in het jaar 1602 herwaarts kwam, en in het jaar 1605 naar Longerhoud vertrok.

HASKERHORNSTERMEER (HET GROOTE-), ook wel enkel Het Groote-Hornstermeer genoemd, meer, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, 1/4 u. W. van Haskerdijken, dat door de Greve met het Deel, en door de Oude-Geeuw met de Geeresloot in verbinding staat, terwijl het met het Klein-Haskerhornstermeer bijna een geheel uitmaakt.

HASKERHORNSTERMEER (HET KLEINE-), ook wel enkel het Kleine-Hernstermeer genoemd, meertje, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, 1/4 u. Z. W. van Haskerdijken, dat met het Groot-Haskerhornstermeer, bijna een geheel uitmaakt, en door de Martijntje-set met de Schipsloot in verbinding staat.

HASKER-KLUIS of Hasscher-kluis, naam der kluis, waaruit het klooster Hasker-Konvent, zijn begin genomen heeft. Zie het volgende art.

HASKER-KONVENT of Hasker-Convent, voorm. klooster, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland; ter plaatse, waar thans het d. Haskerdijken gevonden wordt.

Dit kloost., dat ook wel enkel Haske genoemd wordt, heeft zijnen naam aan de geheele grietenij medegedeeld; van tijd tot tijd zijn er eenige huizen bijgebouwd, waaruit eindelijk een geheel dorp geworden is. Naar de overlevering zou dit klooster zijnen aanvang genomen hebben van eene kluis, door zekeren Dodo gesticht, en daarna St. Maria's Roozendaal-te-Haske genoemd. Gedurende de twisten tusschen de adellijke geslachten Bonnema en Gerkema werd, in het jaar 1424, het steenhuis van Hasker-Konvent omvergeworpen, doch later is het weder opgebouwd. De Bisschop van Leeuwarden, Cunerus Petri, trok ook dit klooster, met meer anderen, aan zich. Naderhand werd het door Rennenberg in bezit genomen, doch kwam eindelijk aan de Staten van Friesland, die het deden slechten.

De sporen van dit klooster schijnen overig te zijn in een stuk land, hetgeen zeer oneffen ligt en de kenmerken draagt dat aldaar een groot gebouw gestaan heeft. Ook vindt men er eenige uitgedroogde vaarten, nog een gedeelte van eene bruikbare vaart, en, wat opmerkelijk is, in dit zand een veenachtigen grond ook nog eenig kleiland.

HASKERLAND, oudtijds Hasscherwald geheeten, griet., prov. Friesland. kw. Zevenwouden, arr. en kant. Heerenveen ( 3 k. d., 11 m. k., 7 s. d.); palende N. aan Utingeradeel, O. aan Aengwirden, Z. aan Schoterland, Z. W. en W. aan Doniawarstal.

Deze griet., die van het N. naar het Z. 2 u. lang is, en van het W. naar het O. 1 1/2 u. breed, telt de navolgende 7 dorpen: Haskerdijken, Haskerhorne, Joure, Nijehaske, Oudehaske, Snikzwaag en Westermeer.

Haskerland beslaat, volgens het kadaster, eene oppervlakte van 5919 bund. 5 v. r. 38 v. ell., waaronder 2817 bund. 51 v. r. belastbaar land.

Men telt er 724 h., bewoond door ruim 4800 inw., die meest hun bestaan vinden in landbouw en veeteelt, hebbende men hier vele goede weilanden, vooral aan de grenzen van Utingeradeel, Doniawarstal en omtrent de Joure. Ook vindt men hier vele lage bouwlanden en veenen, onder Haskerhorne, Oudehaske, Nyehaske en Haskerdijken. Men heeft in deze griet. 5 scheepstimmerwerven; 6 grofsmederijen; 2 zijlmakerijen; 2 touwslagerijen; 1 tabakskerverij; 2 leerlooijerijen; 1 kalkbranderij; 2 pottebakkerijen; 1 linnengaren-fabrijk, door een paard gedreven; 6 uurwerkmakerijen; 7 goud- en zilversmederijen; 1 houtzaag- en 1 koren- en pelmolen, en 1 uitgestrekte boom-, bloem- en heesterkweekerij.

De Herv., die hier 4200 inngetal zijn, onder welke 900 Ledematen, maken 3 gemeenten uit, zijnde die van Joure-Westermeer-en-Snikzwaag, Haskerhorne-en-Oudehaske en Haskerdijken-en-Nijehaske, die 5 kerken hebben, en door drie Predikanten bediend worden.

De Doopsgez., tellen er ruim 600 zielen, van welke 450 de gemeente van Joure uitmaken, die in het N. der griet. behooren tot de gem. Akkrum, die in het O., hoewel slechts weinige, tot Tjallebert, en die in het Z. O. tot Heerenveen.

De 5 Evang. Luth., die er wonen, behooren tot de gem. van Leeuwarden.

De R. K., van welke men er 460 telt, maken de stat. van Joure uit.

De 10 Isr., welke men er aantreft, worden tot de ringsunagoge van Gorredijk, bijkerk Heerenveen.

Vroeger had men in deze griet. eenige adellijke staten, welke thans allen verdwenen zijn.

Van ouds plagt deze landstreek Haskerwald genoemd te worden, ongetwijfeld omdat er toen veel bosch en geboomte gevonden werd; ook werd zij Haskervijfga geheeten, hetwelk daaraan is toe te schrijven, dat Haskerdijken en de Joure toen nog niet onder de dorpen geteld werden, en zij alzoo slechts vijf dorpen bevatten.

Onder de vaarwaters dezer griet. komen inzonderheid in aanmerking de zoogenaamde Overspitting, loopende van langweer over Broek naar de Joure, en van daar verder naar de Bansterschans; door het zuidelijk gedeelte der griet. de Heerensloot, die uit het Oud-Deel van Akkrum komende, Z. O. door deze griet. naar 't Heerenveen vloeit; en de vaart die uit het Ouddeel, door het Hornstermeer, Z. W. naar de Joure loopt, zijnde de laatste de Schipsloot. Voorts vindt men, buiten de beide Hornstermeeren, geen wateren van belang in deze grietenij, maar wel een groot aantal turfwijken en vaarten, die tot dienst der turfschepen geschikt zijn.

Behalve eenige hooiwegen zijn er in deze grietenij maar drie voorname rijwegen, te weten: de Nieuwe Rijweg van Akkrum over de Nieuwe-Schouw naar de Joure, aangelegd in 1723; voorts een gedeelte der Haskerdijken, behoorende tot den gewonen rijweg van Akkrum naar Heerenveen, voorbij Westermeer, hasker-Horne, Oudehaske en Nyehaske.

Deze grietenij deelde grootelijks in de rampen, die de watervloed van Februarij van het jaar 1825 veroorzaakt heeft. Zoodra waren niet de grietenij Doniawarstal en een gedeelte van Schoterland, overstroomd of het zeewater kwam op den Heerenwal, onder het beheer van het dorp Nijehaske, opzetten, en stroomde met geweld voort, zoodat het reeds des nachts te twee ure, elf à twaalf palmen in dat dorp en te Oudehaske in de huizen stond, en slechts twee woningen daarvan uitgezonderd waren. Daar nu de vloed zoo plotselijk steeg, dat velen in de angstige bekommering bedacht op eigen behoud, zich door de vlugt redden moesten, waren deze huizen voor ruim honderd menschen, met een aantal vee, gunstige oorden van toevlugt in den nood, en gedurende verscheidene dagen veilige schuilplaatsen. Binnen korten tijd werd ook de Westkant dezer grietenij overstroomd, en alle de landen onder Westermeer, Joure en Snikzwaag werden van 6 palmen tot ruim eene el hoog door het zout water bedekt. Ten laatste was onder de verschillende dorpen de nood der ingezetenen algemeen; hevige wind, sneeuwjagt, donder en bliksem maakten den toestand van zoo velen, die in open vaartuigen hadden vernacht en moesten verblijven, allertreurigt en zorgelijk. Al de schepen in den omtrek van Nijehaske gelegen, had men doen dienen tot berging van menschen, terwijl een dertigtal vlugtelingen in de kerk te Oudehaske hun toevlugt nam, dienende ook tevens deze plaatsen tot berging van het vee. Hoewel men het gevaar van in den vloed te zullen omkomen daardoor ointweek, waren echter de armoede en de nooddruft onbeschrijfelijk groot, daar vrouwen en kinderen, niet bestand tegen de teisterende ramp, door ziekte en ongemak werden aangetast. Deze grietenij was geheel door het zeewater bedekt, en ofschoon in vergelijking van andere oorden de schade aan verdronken vee en vernielde gebouwen weinig was, beliep die aan weggespoelde turf en bedorven hooi, alsmede aan polderdijken en wegen, nog eene aanzienlijke som.

De grietenij Haskerland is rijk aan wild waarom het oude wapen ook eenen snelloopenden haas voorstelde.

HASKER-MADEN, streek weiland, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, Z. van Haskerdijken.

HASKER-SCHANS, b., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1/2 u. N. W. van Heerenveen, nabij Nyehaske, waartoe zij behoort.

In deze b. werd, in het jaar 1715, een huis tot oefening van de godsdienst bekwaam gemaakt, omdat de kerk buiten de b. van Nyehaske, daar nog het kerkhof te zien is, geheel bouwvallig was. In het jaar 1754 werd dit huis door eenen nieuwen aanbouw aanmerkelijk vergroot, en daarin de godsdienst verrigt tot in het jaar 1775, wanneer het geheele opbouw nedergeworpen en in de plaats daarvan eene nieuwe luchtige kerk, met een spits torentje en van een orgel voorzien, gesticht werd.

HASKER-SLOOT, water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, dat, bij Oudehaske beginnende, uit de Overspitting voortkomende, in eene noordelijke rigting, door de Dolten naar de Welle en voorts, eerst in dezelfde, en naderhand in eene noordoostelijke strekking, door de Haskermaden naar de Heeresloot liep. Thans is echter het gedeelte van Oude-Haske tot de Welle geheel droog.

HASKERVELD, streek weiland, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, in het Noorden der grietenij, tusschen de Nye-Gouw en het Dal.

HASKER-VIJFGA of Hasscher-Vijfga, oude naam van de griet. Haskerland, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, naar de vijf dorpen Westermeer, Snikzwaag, Oudehaske, Nijehaske en Haskerhorn, daar destijds Haskerdijken en Joure nog niet onder de dorpen gesteld werden. Zie voorts Haskerland.

HASSCHER-KLUIS, naam der kluis, waaruit het kloost. Hasker-Konvent, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, zijn begin genomen heeft. Zie Hasker-Konvent.

HASSCHER-VIJFGA, oude naam van de griet. Haskerland, prov. Friesland, kw. Zevenwouden. Zie Hasker-Vijfga.

HASSCHERWALD, oude naam van de griet. Haskerland, prov. Friesland, kw. Zevenwouden. Zie Haskerland.

HEERENWAL, b., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, d. Nijehaske, het Noordelijk gedeelte van het vlek Heerenveen uitmakende.

HEERESLOOT, kanaal, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Heerensloot.

HERAMA, state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Vegilin-State.

HEREMA , state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Vegilin-State.

HIJOWR en Hijowere, oude naam van het vl. Joure, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Joure.

HIOUWERA, oud-Friesche naam van het vlek Joure, prov. FRiesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Joure.

HIUWERA, oude naam van het vl. Joure, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Joure.

HOITEMA of Hoytema, voorm. state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 2 u. W. N. W. van Heerenveen, in het d. de Joure.

HORNSTERMEER (HET-GROOTE-), meer, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, 1/4 u. W. van Haskerdijken, welke door de Greve met de Deel, en aan de westzijde met het Kleine-Hornster-meer in verbinding staat.

HORNSTER-MEER (HET-KLEINE-), meer, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, 1 u. N. van de Joure, dat N. O. met het Groote-Hornster-meer in verbinding staat.

HOYTEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 2 u. W. N. W. van Heerenveen, te Joure.

JOURE (DE), vl., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Joure.

JOURE (POLDER-BEZUIDEN-), pold., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr. en kant. Heerenveen.

JOURE, de Joure of de Jouwer, in het Oud-Friesch Hijouwr of Hijowere, vl., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 2 u. N. W. van Heerenveen, 3 u. N. ten O. van de Lemmer en 3 u. N. O. van Sloten.

Volgens sommigen zoude de naam van dit vlek afkomstig zijn van het Friesche woord Jouwer, hetwelk haver beteekent, vermits, volgens het getuigenis van oude lieden, dit vlek gebouwd is op eene plaats, waar weleer een haverkamp was; meer waarschijnlijk is het, dat de plaats heeft geheeten Hiuwera (lees Hiauwera), hetgeen in het Oud-Friesch beteekent overhaal, overzet, en dat deze plaats dien naam heeft gekregen, om dat alhier een belangrijke doortogt bestaat van Overijssel, Drenthe en van de oostelijke streken van Friesland naar het westelijke gedeelte dier provincie en de stad Sneek.

Joure pleegt oudtijds slechts eene buurt te zijn, waarvan de bewoners tot het d. Westermeer behoorden, alwaar zij hunnen kerkgang en begraafplaats hadden. Door aanbouwing en toeneming der inwoners is het allengs van een klein beginsel opgekomen. Het was reeds in de zestiende eeuw vrij aanzienlijk, zoodat er reeds in 1466 eene weekmarkt werd vastgesteld, door Grietman en gemeene regt in Hasker-Vijfga, bij Raad der Prelaten; terwijl het in 1525 reeds met andere bijzondere regten begunstigd was, als van het houden van jaarmarkten enz., geschonken door den Prelaat van Hasscha en bekrachtigd door het Bourgondische bestuur. Na dien tijd is de plaats nog vergroot. Thans telt men er 332 huizen, allen voorzien van meer of min groote tuinen, doorgaans van 130 tot 140 voeten (40 tot 43 ell.) lengte, rekenende men tegenwoordig het getal der inwoners op 2400. het aanzienlijkste gedeelte van dit vlek is eene dubbele en bijna regte streek huizen of breede straat, zuidoost- en noordwestwaarts loopende, evenredig gebouwd, ter lengte van ongeveer 900 treden, zijnde de breedte tusschen de huizen aan het noordwesteinde 24 of 25 treden, aan het zuidoosten wat kleiner. Ook zijnde straten, in het jaar 1615, zeer net bevloerd met balsteenen, met voetpaden langs de huizen van klinkertsteenen, zoo net als men in eenige stad ziet: ook worden zij niet minder zindelijk onderhouden; terwijl de Midstraat, in 1841 met klinkerts vervloerd is. behalve deze Dubbele streek vindt men in het noordoosten nog 51 huizen, strekkende zich in de lengte genoegzaam tot de helft der Dubbele streek; en deze huizen worden verdeeld in drie deelen, met name het Oud-Slagste-Zand, het Nieuwe-Zand en het Oude-Zand, beoosten de Schipsloot, en zijn waarschijnlijk zoo genoemd geworden, omdat ze op eene met zand gevulde plaats gebouwd zijn. Tot aanmerkelijke versiering dezer plaats dient de groote kolk, die gemaakt is in het jaar 1614, daar men bij het inkomen door eene valbrug, tegenover de herberg of het tolhuis, invaart, in welke kolk de Hamburgervaarers, als in eene veilige haven, overwinteren, benevens meer andere groote schepen, hier te huis behoorende. Daarenboven vindt men hier nog verscheidene straten en stegen, Opslagen genaamd, en tot gemak der inwoners dienende, om het hout en andere aangebragte waren uit de schepen te ligten en in hunne huizen te bergen. Van verre vertoont zich dus het dorp zeer aanzienlijk en het zou zulks nog meer doen, zoo niet het gezigt door het omringende geboomte gebroken werd. Aan de oostzijde loopt de groote dorpstraat tot nabij den toren van het d. Westermeer, welke aan de zuidzijde van den weg naar Heerenveen en aan de oostzijde van dien naar de Lemmer staat, omgeven door de begraafplaats van het vlek.

De inw. vinden meest hun bestaan in binnenlandschen handel, in boter, kass, granen, vee, paarden, varkens, voorts in koloniale waren, in uurwerken, in schrijnwerkerswaren, koper- en blikslagerswerk enz.; ook heeft men er twee scheepstimmerwerven, wier bazen reeds in de vorge eeuw de lof naging, dat zij zeer fraaije en snelzeilende kofen konden vervaardigen, zoo als er thans ook nog tweemastschooner-, kof- en groote tjakschepen gebouwd worden; voorts touwslagerijen, 1 houtzaagmolen, 1 linnengarenfabrijk, door een paard gedreven wordende, 1 garentwijnderij, 1 looijerij, kastenmakerijen, waar bij duizende stoven ter verzending gemaakt worden, 2 pottenbakkerijen, waarvan de eene inzonderheid beroemd is, wegens de deugdelijkheid en de netheid van het vaatwerk, waarom het zelfs tot in Noord- en Zuid-Holland verzonden wordt; nog 2 tabakskerverijen, 1 cichoreifabrijk, 1 koren- of pelmolen, 6 grofsmederijen, uurwerkmakerijen, waar men Friesche klokken vervaardigt, welke zoo deugdelijk zijn, dat er jaarlijks bij honderden naar Holland en zelfs buitenlandsch gezonden worden, alsmede goud- en zilversmederijen. Volgens geschiedkundige aanteekeningen moet te Joure de eerste aardappel in Friesland gepoot zijn en van daar het eerste Friesche marktschip te Amserdam zijn aangekomen.

Vóór de veesterfte, in het midden der vorige eeuw, had men hier eene voorname beestenmarkt, gelijk nog is af te leiden uit de dubbele rij palen, die ten getale van 40, met hunne dwarsstukken, op het Noordwesteinde, ter wederzijde der Dubbele Streek, staan. De jaarmarkt en de najaars beestenmarkt wordt gehouden op den laatsten Donderdag in September, en de voorjaars beestenmarkt den tweeden Donderdag in Mei. Weleer kwamen hier wekelijks zoo veel beesten ter markt, dat men telkens eene halve ton boter van de merk kernde; doch thans is dit minder aanzienlijk.

Rondom het vlek zijn zeer welige en grasrijke weiden en plantaadjen, vol gevolgelte, en doorgaans in het voorjaar veraangenaamd door het gezang van onderscheidene nachtegalen. ook is in de geheele provincie beroemd de bloeijende en zeer uitgestrekte boom-, bloem- en heesterkwekerij van Wybren Kryns en Zomp., die in 1749 is aangelegd, en thans ongeveer 39 pondematen (14 bund. 33 v. r.) land beslaat. De wateren in de nabuurschap zijn zeer vischrijk, en leveren eenen overvloed van groote snoek en baars op, waarvan de laatste dikwijls twee en drie pond wegen.

Het Regthuis der griet. was voorheen in den toren, en daar beneden het gevangenhuis, waarvan eenige kluisters en banden nog heden aldaar zijn te zien: doch naderhand is het regthuis verplaatst in het noordwesteinde van het vlek, nabij Heerema-state.

De Waag, welke hier gevonden wordt, heeft niets bijzonder meldenswaardig.

De Hervormden, die hier ruim 1800 in getal zijn, onder welke ruim 550 Ledematen, behooren tot de gem. Joure-Westermeer-en-Snikzwaag. De kerk, volgens een opschrift op een der balken, gebouwd in het jaar 1644, is een zeer schoon en ruim gebouw, gesticht onder het opzigt van den Grietman Hobbe van Baerdt, door wien daarvan de eerste steen is gelegd op den 18 Maart van het gezegde jaar. Het dubbele kapwerk rust rondom op een en twintig zware pilaren; terwijl nog vijf ronde pilaren van binnen staan, op welke het middelste gedeelte der balken rust. In deze kerk staat een fraai bewerkte predikstoel tegen het Noordwesten, alsmede fraaije gestoelten en een goed orgel, benevens eene in 1844 gebouwde ruime gaanderij. De toren, waaraan, volgens opschrift, den 8 Augustus 1628, door den voorzeiden Grietman de eerste steen gelegd werd, is sierlijk met eene gaanderij gebouwd, en heeft vier klokken.

Ook heeft men hier eene gemeente van Christelijke Afgescheidenen, die eenen eigen Leeraar heeft. De kerk is een klein gebouw, zonder toren of orgel.

De Doopsgezinden, van welke men er omstreeks 270 aantreft, onder welke 100 Ledematen, maken, met de overige dier gezindte uit de griet., eene gem. uit, welke omstreeks 400 zielen en onder deze 190 Ledematen telt. De eerste, die in deze gem. het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Ds. Doijer, die in het jaar 1818 herwaarts kwam, en in het jaar 1823 naar Nijmegen vertrok. De nieuwe en nette kerk is in het jaar 1824 gebouwd; zij is met eenen koepel versierd, doch heeft geen orgel. Voorheen hadden de Doopsgez. er twee kerken, doch de eene dient thans tot kerk der Afgescheidenen.

De Roomsch-Katholijken, welke er ruim 330 in getal zijn, maken, met de overige dier gezindte in Haskerland, eene stat. uit, welke tot het dek. van Friesland behoort, door eenen Pastoor bediend wordt en 450 zielen, onder welke 310 Communikanten telt. De kerk is een net gebouw, dat in het jaar 1837 gesticht, en aan den H. Mattheus toegewijd is. Zij prijkt met eenen koepel en een orgel.

De 8 Israëlieten, welke men er aantreft, worden tot de ringsynagoge van Heerenveen gerekend.

Men heeft er een nieuw, in het jaar 1837 of 1838 gebouwd, Armenhuis, waarin oude lieden en kinderen verpleegd worden.

Aan het westeinde dezer plaats was, ten tijde van den oorlog met Spanje, eene Schans, die naderhand op last van de Staten van Friesland geslecht is. Nu ziet men aldaar, vlak over de straat, het groote en fraaije buitengoed Herema-state of Vegilin, thans bewoond door Jonkheer Pieter Benjamin Johan Vegilin van Claerbergen; in het Z. had men vroeger nog de state Baerdt, waarvan niets meer bestaat.

De Latijnsche school, welke hier, in het jaar 1695, is opgerigt, telt 4 leerlingen, terwijl het rectoraat door den Predikant wordt waargenomen. Reeds in 1647 vindt men melding gemaakt van eenen rector Scholae Jouranae.

De dorpschool telt een gemiddeld getal van 130 leerlingen. Ook is er nog eene Matressenschool, met 70 leerlingen, en eene Zondagschool, met omstreeks 40 leerlingen.

Men heeft er een Departement der Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen, hetwelk den 6 Februarij 1822 opgerigt is en ruim 40 leden telt, alsmede eene in 1840 tot stand gekomen Maatschappij, de eerste van dien aard in ons vaderland, ten doel hebbende het aanleggen van eene stoombootendienst op de kanalen en meren; reeds in het jaar 1841, is door deze Maatschappij de eerste ijzeren kanaalstoomboot met gelukkig gevolg in dienst gesteld, tusschen de Joure, Sneek en de Lemmer, om de binnenalndsche correspondentie over de wijde meren te bespoedigen.

Joure is de geboorteplaats van den Godgeleerde Elias Annes Borger, die tevens een bekwaam Oostersch Taalgeleerde en Nederduitsch Dichter was, geb. 26 Februarij 1784, † 12 October 1820, als Hoogleeraar in de Grieksche Letterkunde en Algemeene Geschiedenis, aan de hoogeschool te Leyden, en van den Geneeskundige Wynoldus Munniks, geb. 4 December 1744, † 8 September 1806, als Hoogleeraar in de Medicijnen te Groningen.

Bij den watervloed van Februarij 1825 heeft Joure ook te lijden gehad. In den namiddag van 4 Februarij ontdekte men aan de zuidwestzijde het aanwassen van het water. Om het doordringen daarvan te beletten, werd een dam op den rijweg naar de Lemmer gelegd, waardoor men aanvankelijk den aandrang van het water tegen hield; doch reeds te twee of drie ure, in den morgen van den volgenden dag, kon deze de persing niet meer wederstaan, maar brak door, terwijl de dijken op vele plaatsen overliepen, zoodat reeds ten negen ure alle landen, tuinen en boomkwekerijen, drie tot vier voet met water overdekt waren. Weldra moesten de bewoners der laagste huizen die verlaten, en op hooger gelegen plaatsen eene veilige schuilplaats zoeken.

JOURE-WESTERMEER-EN-SNIKZWAAG, kerk. gem., prov. Friesland, klass. van Heerenveen, ring van de Lemmer. Men heeft er slechts ééne kerk te Joure, en telt er 1900 zielen, onder welke ruim 550 Ledematen. De eerste, die hier het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Josias Eytheringh, die hier in het jaar 1593 kwam, en in het jaar 1595 eenen opvolger bekwam in Andreas Pellio.

JOUSTER-UITGANGEN, streek land, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, ten N. O. van Joure.

JOUWER (DE), vlek, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Joure.

KOLK (DE), haven, van het vlek de Joure, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zij is in het jaar 1614 gegraven, voornamelijk voor de Hamburgervaarders, die er overwinterden.

LYCKLAMA of Lyklama, voorm. state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. W. van Heerenveen, bij Haskerhorne, waartoe zij behoorde.

MONNIKERAK (HET), water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Het is dat gedeelte van het Deel, hetwelk langs Haskerdijken loopt, en zich van de Kerksloot tot de Haskersloot uitstrekt.

NIEUWE-HASKE, d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Nye-Haske.

NIEUWE-SCHOUW (DE), overzetveer, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, onder Haskerdijken, aan den weg van Leeuwarden naar de Lemmer. Men zet er met eene schouw rijtuigen en paarden over het Deel. Er staat nabij dit veer eene boerenwoning.

NIJEHASKE of Nieuwehaske, d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1/2 u. N. W. van Heerenveen.

Men telt er met de b. den Heerenwal, een gedeelte van de b. Nieuwebrug en de meeste huizen der Terbandster-schans, welke hieronder behooren, 107 h. en 960 inw., die meest in de scheepvaart, de veengraverij, den scheepsbouw, de kalkbranderij en binnenlandsch vertier hun bestaan vinden. De meeste landen ter wederzijden van dit dorp zijn mied- en klijnlanden, welke zich ver in het Noordwesten uitstrekken. men heeft onder dit dorp ook drie scheepstimmerwerven voor tjalken, eene kalkbranderij, een kaarsenmakerij, eene pottenbakkerij, twee zeilmakerijen en eene touwslagerij.

De Herv., die er wonen, behooren tot de gem. Haskerdijken-en-Nijehaske. Vóór het jaar 1746 was Nijehaske met Haskerhorne en Oudehaske vereenigd, maar werd toen daarvan afgescheiden en bij Haskerdijken gevoegd. Eerst woonde de Predikant te haskerdijken, maar sedert de eerste Predikant, die deze combinatie bediend heeft, eene eigene woning te Nijehaske kocht, hield hij even als zijne opvolgers zijn verblijf aldaar. De kerk was in het begin der vorige eeuw door ouderdom zoo vervallen, dat zij moest afgebroeken worden, en men zich sedert 1713 met een gewoon huis tot godsdienstoefening moest behelepen. Hierdoor vonden eenige geloofsgenooten zich opgewekt, om de noodige middelen te bezorgen, waardoor aan den Heerenwal eene fraaije nieuwe kerk gebouwd is. Deze kerk prijkt met eenen toren, doch is van geen orgel voorzien.

De Doopsgez., welke men er aantreft, behooren tot de gem. van Heerenveen. - De R. K., die er zijn, worden tot de stat. van Heerenveen gerekend. - Men heeft er in 1839, aan den Heerenwal, eene nieuwe dorpschool gebouwd.

Dit d. is de geboortepl. van den Godgeleerde Jacobus Engelsma Mebius, geb. 25 Januarij, † 30 Januarij 1838. Behalve met onderscheidene andere godgeleerde schriften, tegen een der eerste Neologische werken, welke uit het Hoogduitsch in onze taal was overgebragt, en was daardoor eenen der aanleidende oorzaken, dat men op de gedachte kwam, om een genootschap tegen de Neologie tot stand te brengen, hetgeen de oprigting van het Haagsche Genootschap: ter verdediging van den Christelijken godsdienst tegen deszelfs hedendaagsche bestrijders ten gevolge had. Hij was ook Theol. Doct. honoris causa.

OUDE-GEEUW (DE), voorm. water, thans droog, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, onder het d. Snikzwaag, geloopen hebbende met het Kleine-Hornster-meer naar Utingeradeel.

OUDE-HASKE of Olde-Haske, d., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 u. N. W. van Heerenveen.

Men telt er 107 h. en 730 inw., die meest in den landbouw en de veengraverij hun bestaan vinden.

De noordelijke landen, bekend onder den naam van Oude-Hasker-uitgangen, zijn, als de naburige, laag en tot maadlanden diende, voorts veenig, en op vele plaatsen reeds vergraven.

De Herv., die er 570 in getal zijn, behooren tot de gem. Haskerhorn-en-Oude-Haske, welke ook hier eene kerk heeft, ten Z. der Overspitting. Deze kerk is een oud gebouw, met eenen spitsen toren, doch zonder orgel.

De enkele Doopsgez., welke men er aantreft, worden tot de gem. van Joure gerekend. - De R. K. van welke men er 40 telt, behooren tot de stat. van Joure. - De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 55 leerlingen bezocht.

OUDE-HASKER-UITGANGEN, lage landen, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie het vorige art.

OUDEZAND, geh., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 2 u. N. W. van Heerenveen, 3 u. N. ten O. van de Lemmer, en 3 u. N. O. van Slooten.

OVERSPITTING (DE), water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, dat bij de Bandster-Schans, in de griet. Haskerland, uit de Heerensloot, voortkomt, en met eene westelijke rigting langs Nijehaske, Oudehaske en Haskerhorn, door de Jouwer loopt, waarna het, onder den naam van de Zijlroede, in den Ouden-Weg uitloopt.

RIPKEMA-SLOOT (DE), water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, loopende van de Oude-Schipsloot noordoostwaarts door de Pippe-sloot in het Groot-Hornster-meer.

SCHIPSLOOT (DE), vaart, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, uit de Oversplitting bij de Joure, in eene noordoostelijke rigting naar het Groot-Hornstermeer loopende.

SCHOUW (DE OUDE-), overzetveer, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Oudeschouw.

SNIKZWAAG, ook Snikzwage, voorm. d., thans geh., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant en 2 u. W. N. W. van Heerenveen, 20 min N. ten W. van de Joure, tegen den Slagtedijk. Men telt er 14 h. en 80 inw., die meest in den landbouw en veeteelt hun bestaan vinden.

De Herv., die er wonen, behooren tot de gem. Joure. - De R. K., welke men er aantreft, worden tot de stat. van de Joure gerekend. - Men heeft in dit d. geen school, maar de kinderen genieten onderwijs te Joure.

Onder dit d. liggen Zwaagmanne-vaart, Ripkema-sloot, een gedeelte der Dolte en der uitgedroggde wateren de Oude- en de Nieuwe-Geeuw. - Onder Snikzwaag stond vroeger ook de state Solkama.

SNIKZWAGER-POLDER, pold., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr. en kant. Heerenveen, onder Snikzwaag.

SNIKZWAGER-VAART (DE), vaart, prov. Friesland, kw. Westergoo, griet. Haskerland.

STEENHUIS (HET), voorm. stins, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. N. W. van Heerenveen, bij Haskerdijken, waartoe zij behoorde. – Zij is in 1422 vernietigd.

SYTGEMA of Sythiema, voorm. state, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland. Zie Sytjema.

SYTHUIZEN, b., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1/2 u. N. N. W. van Heerenveen, 1/2 u. N. ten W. van Haskerdijken, waartoe het behoort.

TRAAN (DE), b., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. N. van Heerenveen, 1/2 u. N. W. van Haskerdijken, waartoe het behoort, in het Haskerveld.

VYWER (DE), meertje prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, 1/4 u. N. van Haskerhorne, dat door de Wildehorne, met de Welle en de Overspitting in verbinding staat.

WELLE (DE), water, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, dat uit de Heeresloot voortkomt, eerst in eene westelijke doch later in eene noordwestelijke en eindelijk in een noordelijke rigting naar het Groot-Hornstermeer loopt.

WESTERMEER, voorm. d., thans een geh., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr., kant. en 1 1/2 u. W. ten N. van Heerenveen.

Voorheen was dit dorp niet onaanzienlijk en belangrijker dan de Joure, dat er vroeger slechts eene uitbuurt van uitmaakte. Nu staan er slechts 13 h., met 90 inw., die hun bestaan vinden in den landbouw. De toenemende bloei van de Joure heeft waarschijnlijk veel tot het verval van dit dorp toegebragt.

Het ligt met zijne beste landen benevens die van de Joure en Haskerhorne, die allen naar het Noorden zeer laag zijn, in eenen grooten polder, in het jaar 1716,, door de Heeren Vegilin begonnen. Deze landen heeten, wat Westermeer aangaat, de Westermeerder-Uitgangen, Noordwaarts de Westermeerder Nijekamp. Door den polder loopt, met twee bogtige takken, het watertje de Dolte.

De Herv., die er zijn, behooren tot de gem. van Joure-Westermeer-en-Snikzwaag, welke hier vroeger mede eene kerk had, doch welke afgebroken is, en waarvan het oude kerkhof en de toren nog bestaat. Ook ligt er nog een oud vervallen kerkhof op eenigen afstand N. van het dorp.

De Doopsgez., die men er heeft, behooren tot de gem. Joure. - De R. K., welke men er aantreft, parochiëren te Joure.

Men heeft er geen school, maar de kinderen genieten onderwijs te Joure.

Weleer stond onder dit dorp de state Lyklama. Zie dat woord. In vroegere tijden zou hier gewoond hebben Dodo van Hascha, een heilige kluizenaar, die, onder andere wonderen, eens eenen man, die verstandeloos en geheel verlamd was, door een Mariabeeld zou genezen hebben.

WESTERMEERDER-NIJEMADEN (DE) of de Westermeerder-Nijekamp, weilanden, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland,, N. van Westermeer.

WESTERMEERDER-UITGANGEN (DE), streek lands, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, N. van Westermeer.

ZWAAGMANNEN_VAART (DE) of de Swaagmanne-vaart, vaart, prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, W. van Snikzwaag, uit de Overspitting voortkomende en, met eenen eerst oostelijken en vervolgens noordelijke loop, in de Oude-Schie uitloopende.

ZWARTE-POLDER (DE), pold., prov. Friesland, kw. Zevenwouden, griet. Haskerland, arr. en kant. Heerenveen.