AEBINGA, Abbinga of Abinga, voorm. stins, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, onder Blija. Het geslacht Aebinga is in Humalda's naam overgegaan, met behoud van het wapen van Aebinga, door het huwelijk van Sjoerd Aebinga, die in 1510 leefde, met Beits Humalda. De laatste telg van dit geslacht, Idserd Aebing van Humalda, was, na 1813, eenige jaren Gouverneur van de prov. Friesland, en muntte door grondige geleerdheid uit.

AYSMA, voorm. adell. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, ten W. van het d. Marrum.

BEINTUM (OOSTER-), b.,  prov. Friesland. Zie Oosterbeintum.

BEINTUM, d., prov. Friesland. Zie Hoogebeintum.

BEROUW (HUIS VAN) , naam, dien men later weleens gegeven heeft aan de adell. stins. Jongestal, onder Hallum, prov. Friesland. Zie Jongestal.

BILDT (HET NIEUW-MONNIKE-), bedijking, prov. Friesland, kw. Westergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd, palende N. aan 't Noorderleeg, Z. aan Oud-Monnike-Bildt, W. aan het Nieuw-Bildt, O. aan de bouwlanden van Hallum, waartoe het behoort.

Het Nieuw-Monnike-Bildt, ontstaan uit aanwassen in de wadden, werd in het jaar 1600, te gelijk met het Nieuwe-Bildt, bedijkt, beslaat eene oppervlakte van 116 morgen (ruim 106 bund.)

Bij de watervloed van Februarij 1825 liep deze polder, doordien het water uit het Nieuwe-Bildt over de Kadijk stortte, geheel onder.

BLEY, d. prov. Friesland. Zie Blya.

BLYA, Bly of Blye, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. W. ten Z. van Holwerd.

Het ligt aan den grooten weg, is tamelijk groot, en telt 170 h. en 990 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw; inzonderheid hebben de inwoners den roem, dat zij de eersten vlasbouwers in Friesland zijn geweest, gelijk ze nog in de vlasteelt uitmunten.

De Herv., wier getal ruim 900 beloopt, hebben hier eene kerk (foto), die bezienswaardige grafzerken van Edelen bevat, en thans tot de gem. van Blya-en-Hogebeintum behoort. De Doopsgez., van welke men er ruim 80 aantreft, hebben eene nette kerk en behooren tot de gem. Holwerd-Blya-en-Vischbuurt. De enkele R. K. die hier woont, wordt tot de statie van Dockum gerekend. Men heeft hier ééne school. Vroeger vond men onder dit dorp de stinsen Aebinga, Unema, Scheltema en Monsma, die allen reeds lang verdwenen zijn.

BLYA-EN-HOOGEBEINTUM, kerk. gem., prov. Friesland, klass. van Dockum, ring van Holwerd.

Deze gem. telt 1000 zielen en heeft twee kerken, ééne te Blya en ééne te Hoogebeintum. De eerste, die hier het leeraarsambt heeft waargenomen, is geweest Antonius Claessen of Nicolai.

BLYE, d., prov. Friesland. Zie Blya.

BORNMEER, hoeve, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, W. van Birdaard, aan de Ee, onder het dorp Wanswerd.

BOTNIA, voorm. stins, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 7 1/2 min. W. van Marrum, waartoe zij behoorde.

Zij zou, naar men wil, reeds in het jaar 900 gebouwd zijn, doch is sedert lang in eene fraaije boerenplaats herschapen.

BUITENVELD (NOORDERLEEGS-), aanwas, prov. Friesland, kw. Oostergoo en Westergoo, griet. Ferwerderadeel en het Bildt. Zie Noorderleeg en Bildtpollen-aanwas.

CAMMINGHA of Camminga, voorm. stins, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/4 u. Z. W. van Holwerd, 5 min. N. O. van Ferwerd, waartoe zij behoorde.

Deze state was in het laatst der zestiende eeuw vernieuwd door den Grietman Roeland van Achelen van Burum zoo veel verbeterd, dat zij voor eene der schoonste lustplaatsen van Friesland gehouden werd. later kwam zij in de geslachten Vegilin van Claerbergen en Haersolte, en is in het begin dezer eeuw afgebroken, hoewel hare standplaats nog duidelijk kenbaar is.

DENIA, voorm. buit., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 1/4 u. N. W. van Ferwerd, waartoe het behoorde.

DONIA of Donia, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Denia.

DONIA of Donya, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet Ferwerderadeel, 1/4 u. van Hallum, waartoe zij behoorde.

DONIATERP, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. ten Z. O. van Wanswerd, waartoe zij behoorde.

DOUMA, Douwema of Douwema, voorheen Gerbada, voorm. adell. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 1/4 u. ten Z. W. van het d. Hallum, waartoe het behoorde, in de buitenbuurt Zwartewoude, aan de Hallumer trekvaart.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, wordt tegenwoordig eene boerderij gevonden.

EBINGA, voorm. stins, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Aebinga.

FAARDERBUIREN, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. Z. Z. W. van Holwerd, 20 min. Z. O. van Blija, waartoe het behoort; met 11 h. en 40 inw.

FEITSMA, Feitzma of Feytsma, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd, 1/4 u. N. W. van Hallum (foto).

Deze state beslaat, met de daartoe behoorende gronden, eene oppervlakte van 36 bund. 74 V. r. 96 v. ell., en wordt thans in eigendom bezeten door den Heer Mr. P. Martin, woonachtig te Leeuwarden.

FEITSMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. N. ten Z. van Holwerd, 1/4 u. N. W. van Hallum, waartoe het behoorde.

FERWERD, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, aan eene vaart, welke het verbindt met de vaart van Leeuwarden op Dockum.

Het is eene vrij groote, meest bestrate en wel bebouwde plaats, hoofdzakelijk bestaande in eene straat aan den rijweg, waar tusschen een dorpsplein is, het Vrijthof geheeten. Het is de hoofdpl. der griet. en als zoodanig is hier, in 1841, een nieuw en fraai Grietenijhuis gebouwd.

Men telt er 240 h., bewoond door 336 huisgez., uitmakende eene bevolking van ruim 1600 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw. Ook zijn hier eenige cichoreimolens en een wind-korenmolen op de terp voor het dorp.

De inw., die op 9 na alle Herv. zijn, maken eene gem. uit, welke tot de kl. van Dockum, ring van Holwerd, behoort. De eerste, die het leeraarambt in deze gem. heeft waargenomen, is geweest Ulferdus Belida, die in het jaar 1592 herwaarts kwam, en in het jaar 1606, van zijne dienst schijnt ontzet te zijn.

De kerk (foto) is een fraai gebouw, met eenen zeer zwaren, hoogen, stompen toren, met klok en uurwerk. In de kerk vindt men een vrij goed orgel. Zij staat op eenen heuvel, die zoo hoog is, dat het kerkhof aan de noordzijde een schoon gezigt over de Wadden en naar Ameland oplevert.

De 9 Doopsgez., welke men er aantreft, worden tot de gem. van Holwerd-Blija-en-Vischbuurt gereekend. - De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 140 leerlingen bezocht.

Vroeger had men hier de staten: Cammingha, Juwsma of Jouwsma, Tjallingahuis, Feitsma, Sminia, Meikam, Gerbranda, Elinga, Denia enz. Men heeft er een jaarmarkt, welke den tweeden Donderdag in Mei gehouden wordt. Ook had men van hier vroeger een veer op Ameland, hetwelk sedert het begin dezer eeuw vervallen is.

De bekwame Sieds Johannes Rienks, bekend door het maken van teleskoopen en andere mathematische instrumenten, heeft onder dit d. het eerste gedeelte van zijn werkzaam leven doorgebragt.

FERWERDERADEEL, griet., prov. Friesland, kw. Oostergoo, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd ( 5 m. k, 3 s. d.); palende N. aan de Wadden, O. aan Leeuwarderadeel, W. aan het Bildt.

Zij is de tweede griet. van Oostergoo, ontleent haren naam van het d. Ferwerd, en bestaat uit de volgende 11 dorpen: Ferwerd, Hoogebeintum, Hallum, Marrum, Nykerk, Wanswerd, Blya, Genum, Reitsum, Jislum en Lichtaard, waarvan de vijf voornaamsten gelegen zijn aan den noordelijken hoofdweg van Friesland, van Leeuwarden naar Holwerd en verder.

Oudtijds bevatte zij drie kloosters, namelijk: Mariëngaarde, Foswerd en Genaard, Genesareth of Nazareth. Aan oude staten ontbrak het hier ook niet, als: Abinga, Aylva, Douwma, Feitsma, Goslinga, Gralda (niet genoemd in Ferwerderadeel), Harsta, Kamminga, Oenema, Roorda, Sytzsama, Swama, Tjallinga, Unema en anderen. Van deze allen bestaan thans niet meer dan Harstastate en Goslinga.

Ferwerderadeel beslaat eene oppervlakte van 8125 bund. 63 v. r. 65 v. ell., telt 950 h., bewoond door 1428 huisgez., uitmakende eene bevolking van ongeveer 7200 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw en veeteelt.

Het land is hier, vooral aan den zeekant, zeer hoog en vruchtbaar, en levert zoowel schoon bouw- als weiland voor het vee op. Dezen vetten kleibodem heeft zij te danken aan de sedert vroege eeuwen menigvuldige overslibbingen van de Noordzee, tegen wier geweld zij nog met zware zeedijken moeten beveiligd worden. Doch ook nog na het aanleggen van die dijken is de zee voortgegaan om, wat zij elders afscheurt, aan de noordkust dezer grietenij aan te spoelen of aan te slibben. Hieraan dankt zij aan de noordwestzijde de reeds ingedijkte landen van het Nieuwe-Monnike-Bildt en het Noorderleeg, met nog daarenboven eene groote uitgestrektheid schorren of buitenlanden, het Noorderleegs-Buitenveld, de Boerepollen, de Keegen, enz., die, hooger dan gewone vloeden liggen, en uitmuntende weiden opleveren. De noordzijde dezer grietenij is meest bouw-, de zuidzijde meestal weiland.

Aan water is deze griet. niet rijk, maar vooral komt in aanmerking de Dokkumer-Ee en het Wanswerder-meer. In de eerstgemelde vaart of zuidelijke grens ontlasten zich de binnenwateren of talrijke dorpsvaarten van Ferwerderadeel.

De Herv. welke hier ongeveer 7200 in getal zijn, maken de volgende 5 gem. uit, als: Blya-en-Hoogebeintum, Ferwerd, Hallum, Marrum-en-Nykerk, Reitsum-Genum-en-Lichtaard en Wanswerd-en-Jislum, welke 11 kerken hebben door 5 Predikanten bediend wordende.

De Doopsgez., van welke men er 150 aantreft, behooren tot de gem. van Holwerd-Blya-en-Vischbuurt, Oudebildtzijl en Hallum.

De R. K., van welke men er hier 7 heeft, worden tot de stat. van Dockum gerekend.

Men telt in deze griet. acht scholen, gezamelijk bezocht wordende door een gemiddeld getal van 650 leerlingen.

Het wapen dezer griet. bestaat in een veld van azuur, beladen met zeven sterren van goud, welk wapen reeds in het jaar 1395 door haar gevoerd werd.

FOSWERD, ook wel Bethanië genoemd, voorm. kloost., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 1/2 u. Z. O. van Ferwerd.

Het was bevolkt met nonnen van de Premonstreiter orde, in het jaar 1090, met toestemming van Conradus, den twee en twintigsten Bisschop van Utrecht, uit het eil. Ameland derwaarts overgebragt, worden de kerk door den Bisschop ter eere van St. Jan den Dooper ingewijd.

Het schijnt zoowel eene abdij van broeders, als van zusters te zijn geweest, zoo als toen zeer gebruikelijk was, en het had het regt om eenen Abt te kiezen.

Jauka Halinga, volgens anderen Joucke Harliga, een vermaard Edelman, die zeer vroom van leven was, nam in het jaar 1180, nadat zijn huis, door den bliksem was in brand geraakt en geheel in asch gelegd, het opzet om geheel van de wereld af te scheiden en zijn leven in de abdij van Bethanië te gaan slijten. Als hem zulks toegestaan was, heeft hij de steenen van het afgebrande huis aan de armen gegeven; ook verkocht hij eenige landerijen en deelde het daarvoor ontvangen geld onder de armen uit. Daar en boven gaf hij aan het klooster Bethanië 94 ponden (34 bund 53 v. r. 56 v. ell) lands in Dijkshorn en 83 ponden (30 bund. 48 v. r. 42 v. ell.) tusschen Sexbierum en Westerbierum. In of kort na het jaar 1289 werden eenige Nonnen uit het, door den watervloed van dat jaar bijna geheel vernielde klooster Miedum, in Franekeradeel, daarin overgebragt. De nonnen uit dit laatstgemelde convent, ten getale van 53, werden ten deele naar Bajum verplaatst, en voorts in het klooster Bethanië opgenomen, na alvorens van de orde der Augustijnen tot die van Premonstreit te zijn overgegaan. Evenwel was dit klooster geen op zich zelf staan gesticht, maar behoorde onmiddelijk tot Lidlum, zonder dat de Nonnen zelfs eenen afzonderlijken Prior hadden. Dit gesticht was dus een aanhangsel van Lidlum. Men vindt in de oude kronijk van Friesland, dat er in het jaar 1349 in dit klooster 200 personen, zoo Priesters als Conversen en Nonnen, door eene woedende pest uit het leven zijn gerukt.

In het jaar 1397 brandde de fraaije kerk van dit klooster geheel af, zijnde zij, naar men wilde, door de Monniken van Klaarkamp in brand gestoken, waarop die van Foswerd, uit weerwraak, vier Monniken van Klaarkamp doodsloegen, hetwelk vele onheilen ten gevolge had. De oorzaak dezer oneenigheid was, dat die van Klaarkamp, die het zoo lang met de Schieringers gehouden hadden, daarom door die van Foswerd, als aanhangers der Vetkoopers, dikwijls ten hoogste beleedigd werden. Door het verbranden van de kerk te Foswerd en het doodslaan van de vier Monniken van Klaarkamp barstte de tweespalt op nieuw uit. Het ging zoo grof toe, dat er een algemeen gebod moest worden uitgegeven, om alle vijandelijkheden te staken. Hierdoor raakten de wapenen wel uit de handen, maar de wrok niet uit het hart, welke door de geringste aanleiding, welhaast in eene lichte vlam uitbarstte. Maar eene weldaad, door die van Klaarkamp aan eenen Lekebroeder van Foswerd bewezen, verzoende de vijandige gemoederen. De Klaarkamper Monniken hadden, namelijk in het jaar 1489, eenen Lekebroeder van Foswerd verlost uit de handen van Hessel Mokkema, die den Lekebroeder, beschuldigde of verdacht van Hessel's dienaren doorgeslagen te hebben, naar Dockum voerde, waar het voorzeker slecht met hem zoude zijn afgeloopen. Dit heeft niet alleen de oude breuken geheeld, maar ook aanleiding tot onderlinge vriendschap gegeven. - Het klooster Foswerd is vermoedelijk ten tijde van de Reformatie verwoest.

GENEZARETH, voorm. nonnenkloost. in de prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Nazareth.

GENNAART, voorm. nonnenkloost., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Nazareth.

GENUM of Geenum, ook in het Oud-Friesch Ghenym genaamd, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. Z. W. van Holwerd.

Dit dorp, benevens Lichtaard en Reitsum, noemt men gewoonlijk de Dorpen der Vlieterpen, dewijl zij op en nabij eenige hooge terpen liggen. Men telt te Genum 23 h. en 120 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw.

De inw. zijn allen Herv., en behooren tot de gem. Reitsum-Genum-en-Lichtaard. In de kerk (foto)vertoont men een, met beeld en lofwerk versierde, aan den muur vastgehechte, op een voetstuk staande steenen doopvont.

De tot dit dorp, in vereeniging met Jislum behoorende, ten halver wege tusschen die dorpen staande school, wordt door een gemiddeld getal van 30 leerlingen bezocht. Voorheen stond te Genum de sterkte Roorda, en naar men meent was hier in oude tijden nog een adell. h., Stylva, doch van beide is nu niets meer te vinden.

GERBADA, state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd, bij Hallum, waartoe het behoort.

GERBRANDA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, bij Ferwerd, waartoe zij behoorde.

GERNAART, voorm. nonnenkloost., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Nazareth.

GOSLINGA, state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, aan het dorp Hallum, waartoe zij behoort.

Zij beslaat, met de tuinen, singels en grachten, eene uitgestrektheid van 2 1/2 bund., en wordt thans in eigendom bezeten en bewoond door den Heer Isaak Gijsbert Arentsma Martin.

GOSLINGA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. Z. W. van Holwerd, 5 min. O. van Wanswerd, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhofstede. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van ongeveer 17 bund. 75 v. r., worden thans in eigendom bezeten door Hendrik Hendriks Wierdema, woonachtig op de hofstede.

GRACHT (TER-), of Ter Gragt, b., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. Z. van Wanswerd, aan de trekvaart van Leeuwarden naar Dockum; met 5 h. en 50 inw.

GRAFT (TER-), b., prov. Friesland, Zie Gracht (Ter-) en Ter-Gracht.

GRAGT (TER-), b., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Gracht (Ter-).

HALLUM, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd.

Dit d. heeft eene fraaije binnenbuurt, en is wijd van buitenbuurten of klokslag. Ook had men vroeger zeer veel adellijke staten, als Donia_Hallum, Douma, Feitsma, Goslinga, Ondersma, en Sytjema, van welke alleen de state Goslinga nog in wezen is; terwijl almede de kloosters Mariengaarde en Genezareth of Gennaard daaronder gelegen waren. Dit d. komt reeds in de dertiende eeuw als eene hofstad voor, hetwelk zoo veel zegt als een voornaam parochiedorp, alwaar toen ter tijd reeds vele adellijke en aanzienlijke lieden woonden. Men telt er in de kom van het d., 135 h. en 1160 inw., en met de daartoe behoorende buitenbuurt Joussumburen of Jouwsmaburen en verdere buurten enz. 280 h. en 2300 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw en de veeteelt. Ook heeft men er 6 cichoreifabrijken, 1 branderij en 1 korenmolen.

De Herv., die hier ruim 2200 in getal zijn, onder welke 250 Ledematen, maken eene gem. uit, welke tot de klass. van Leeuwarden, ring van Stiens, behoort. De kerk, vóór de Hervorming aan den H. Martinus toegewijd, en waarin destijds eene vikarij gesticht was, had vroeger eene gewone langwerpige vorm, doch heeft door verbouwing dien van een kruis verkregen, en is thans een fraai gebouw. Het nieuwe orgel voltooid zijnde, werd den 1 Januarij 1810 ingewijd. De kerk heeft twee torens, een kleine ten Zuiden, en een groote ten Westen. De voormalige stompe toren stortte den 26 April 1804, terwijl men reeds eenige weken bezig was met herstelling, eenklaps ter neder, zoodat de werklieden zich naauwelijks konden bergen; drie zware klokken stortte mede naar beneden, die echter ongeschonden bleven; terwijl een gedeelte der kerk en het orgel bijna geheel verbrijzeld werd. De tegenwoordige toren is met een uurwerk en spits voorzien, en boven de deur leest men op eenen vierkanten steen het volgende:

Gestigt

MDCCCVI

Treed niet onachtzaam hier voorbij,

Maar leer o sterveling van mij

Hoe hij zieraad met nut moet paren;

Want daar 'k en wind en tijd u toon,

Daar ik het dorp strek als ten kroon,

Doe 'k rustdaags u voor 's Heeren troon

Ook in den tempel Gods vergaren.

De eerste Predikant in deze gem. is geweest Sjoerd Paulus Feythema, die in het jaar 1580 herwaarts kwam, en in 1582 naar Jorwerd vertrok; dewijl hij te Hallum stond, heeft hij Marrum eenigen tijd mede bediend. De Doopsgez., welke hier 70 in getal zijn, behooren tot de gem. Oude-Bildtzijl-en-Hallum, en hebben hier eene kerk, zijnde een klein, doch net gebouw.

Men heeft in dit d. een voortreffelijk, ten jare 1832, nieuw gebouwd armhuis, waarin 126 armen verpleegd worden. Er bestaat mede een, den 12 Februarij 1821 opgerigt, Departement der Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen, dat 20 leden telt. Nog is er aan de noordzijde der buurt, eene versch-waterkom, tot algemeen gebruik.

De dorpschool wordt door een gemiddeld getal van 200 leerlingen bezocht.

De kermis valt in den eersten Donderdag in de maand November.

Hallum is de geboorteplaats van Abraham Steindam, die in het jaar 1664, tot Hoogleeraar in de Wijsbegeerte te Franeker beroepen werd.

HALLUMERMEER of Hallumertrekvaart, vaart, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, welke, met een bepuind pad daarnevens, in eene zuidoostelijke rigting, van het d. Hallum naar Barthlehiem, in de trekvaart van Leeuwarden op Dockum loopt, ten einde de gemeenschap tusschen het d. Hallum en de stad Leeuwarden te bevorderen.

HALLUMERMIEDEN, streek weiland, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, ten Z. O. van Hallum.

Deze streek beslaat eene oppervlakte van 546 bund. 40 v. r. 94 v. ell.

HALLUMERTREKVAART, vaart, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Hallumermeer.

HARSTE, Hartsma of Harsma, voorm. state (foto), thans landh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 u. Z. W. van Holwerd, 5 min. O. van Hoogebeintum.

Dit landh., hetwelk met de daartoe behoorende gronden eene oppervlakte beslaat van 23 bund. 52 v. r. 35 v. ell., wordt thans in eigendom bezeten door Vrouwe Amelia Gerardina de Schepper, echtgenoote van den Heer Tjaard Anne Marcus van Andringa de Kempenaar, Grietman van het Bildt, woonachtig te St. Anna-Parochie.

HERJUWSMA of Juwsma, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. van Leeuwarden, kant. en 1 u. Z. W. van Holwerd, 5 min. W. van Ferwerd, waartoe zij behoorde.

Deze state is in het jaar 1500 ingenomen en verbrand. Jemme Herjuwsma, de eigenaar dier state, werd in 1512 onder de regering van den Stadhouder Everwijn, Graaf van Bethem, aldaar van het altaar gerukt, naar Leeuwarden gevoerd, en, benevens Gerbrand Mockema, in die stad onthoofd, en bij de Minderbroeders begraven, zijnde Mockema, die geen kwaad vermoedde, van de straat geligt, terwijl hij eene plegtige ommegang volgde. Naderhand weder opgebouwd zijnde, is deze state in het jaar 1818 afgebroken en weggeruimd. De tuinmanswoning is echter nog aanwezig, en de overblijfselen van grachten, singels enz. toonen nog heden, dat de tuinen enz. van eene groote uitgestrektheid zijn geweest; terwijl de tot de state behoord hebbende zoogenaamde Galgemaarn, zijnde een stuk grond, 1 morgen groot, waarop vroeger eene galg heeft gestaan, aan eigen regtsoefening doet denken.

HESKAMPEN (GROOT-), landh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. W. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. Z. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. Z. Z. O. van Blija, waartoe het kadestraal, en 3/4 u. O. van Ferwerd, waartoe het burgerlijk en kerkelijk behoort.

Dit landh. beslaat, met de daartoe behoorende gronden, eene oppervlakte van 47 bund. 42 v. r. 10 v. ell., en wordt thans in eigendom bezeten door den Heer Mr. A. Deketh, woonachtig te 's Gravenhage.

HICKAARD of Hikkaard, voorm. landgoed., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. Z. W. van Jislum, waartoe het behoorde.

Ter plaatse, waar het gestaan heeft, ziet men thans een boerenhofstede. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 23 bund. 89 v. r. 50 v. ell., worden thans in eigendom bezeten door den Heer G. M. Baron du Toer van Bellinggrave, woonachtig te Leeuwarden.

HOGEBEINTUM, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Hoogebeintum.

HOOGEBEINTUM, ook wel enkel Beintum of Beyntum genoemd, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. ten W. van Holwerd.

Dit d. is merkwaardig wegens zijne bijzonder hooge ligging op eene terp, welke voor de hoogste in de provincie gehouden wordt. waardoor het dorp een fraai gezigt oplevert. Men telt er, in de komt van het d., 15 h. en 100 inw., en in het geheel 26 h. en 200 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw.

De inw., die hier allen Herv. zijn, behooren tot de gem. Blija-en-Hoogebeintum, welke hier eene kerk (foto) heeft, zijnde een zeer net, langwerpig vierkant gebouw, met eene stompen toren, waarin twee klokken, van welke de eene oud is uit de veertiende eeuw. Deze kerk, welke geen orgel heeft, is bezienswaardig uithoofde der menigte zeer fraaije daarin opgehangen wapenschilden van onderscheidene Friesche familiën.

Hoogebeintum had in 1603 eenen eigen Predikant, namelijk Ernst Hiddinge, die in 1604 schijnt afgezet te zijn, in 1605 werd het gevoegd bij Blija, en eerst bediend door Thomas Thomasz., daar beroepen in 1605, en vertrokken naar Kornjum in 1610.

De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 25 leerlingen bezocht. - Ten Oosten van dit dorp ligt de state Harsta. Zie dat artikel.

ITSMABUREN, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. Z. O. van Nijkerk, waartoe het behoort.

JAIJEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 10 min N. W. van Hallum, waartoe zij behoorde.

In 1461 werd zij bewoond door Schelte Jajema, die in 1462 overleed aan eene wonde, in een tweegevecht bekomen.

Deze plaats, waar zij gestaan heeft, weet men thans niet juist meer aan te wijzen.

JEPPEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. ten Z. van Holwerd, 5 min. N. van Nijkerk, waartoe zij behoorde.

Daar de kerk en toren van het d. Nijkerk op het grondgebied van deze state staan, en waarschijnlijk uit de goederen van Jeppema gebouwd zijn, wilde de geestelijkheid, deze ligging tot haar voordeel nemende, de geheele state als haren eigendom hebben aangemerkt. Het geschil hierover werd door Cunerus Petri, Bisschop van Leeuwarden, in het jaar 1570 bijgelegd.

In het jaar 1640 woonden daarop de kinderen van Ruurd Roorda; in 1706 de Heer Frederik Grovestins, en in het midden der vorige eeuw zijne kleindochter, eene zuster van den beroemden Luitenant-Generaal Frederik van Grovestins, die in den grooten successie-oorlog dien bekenden en voorspoedigsten inval in Frankrijk gedaan heeft.

JESLUM of Jislum, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. van Dockum, men telt er ruim 100 inw., die meest in den landbouw hun bestaan vinden.

De Herv., die hier wonen, behooren tot de gem. van Wanswerd-en-Jeslum, die hier eene kerk (foto) heeft.

De R. K., welke men er aantreft, worden tot de stat. van Leeuwarden gerekend.

JESLUMER-VAART, vaart, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, welke uit de Traan bij Veenstrahuis voorkomt, met eene zuidoostelijke rigting langs Jeslum loopt, en zich in de Ee of Dockumer-vaart ontlast.

JONGEMA, Jonghama of Jongama, voorm. state, prov. Friesland, kw.  Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr, en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. O. Z. O. van Hallum, waartoe zij behoorde. – De plaats, waar zij gestaan heeft, weet men niet meer aan te wijzen.

JONGESTAL, voorm. hofstede, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 10 min Z. W. van Hallum, waartoe zij behoorde.

Deze hofst., welke omtrent het midden der achttiende eeuw gesloopt is, werd aangelegd door Allart Pieter van Jongestal, die in het jaar 1653 Gezant aan het hof van Engeland, en in 1667 Gevolmagtigde tot den vredehandel te Breda was (1), op den grond, waar eertijds de state Ondersma lag. Genoemde Heer verbouwde daaraan meer geld dan zijn vermogen toeliet. Het werd daarom meestal het Huis van Berouw genaamd, en is na den dood van genoemde Heer, wegens spokerijen en andere beuzelingen, berucht geworden. Ter plaatse, waar het huis gestaan heeft, is thans niets meer te vinden.

(1) Zie nader over hem M. J. Scheltema, Staatkundig Nederland, G. H. bl. 538-539

JOUSMA, Juusma of Juwsma, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. van Holwerd, 5 min. Z. W. van Ferwerd, waartoe zij behoorde.

Den 14 Februarij 1575 werd deze stins door de Leeuwarders in brand gestoken; doch Juw Juwsma, geholpen door Folkert Atta, ontkwam hunne handen.

In het jaar 1816 is zij afgebroken. ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans nog de voormalige arbeiderswoning. De daartoe behoord hebbende gronden beslaan eene oppervlakte van 8 bund. 74 v. r., thans in eigendom bezeten wordende door den Heer Hajonides Bolman, woonachtig te Leeuwarden.

JOUSUMBUREN, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Jouwsumburen.

JOUWSUMBUREN of Jousumburen, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. O. van Hallum, waartoe het behoort.

KEEGEN (DE), hooge buitenlanden aan de Wadden, prov. Friesland, kw. Oostergoo.

Het zijn aanwassen van de griet. Ferwerderadeel, die, sedert de bedijkingen van 1715 en 1754, op nieuw buiten den zeedijk zijn aangespoeld en nog niet door eenen nieuwen dijk zijn binnengebragt.

KEMMINGA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Cammingha.

KOPKEWIER, geb., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 10 min. N. van Marrum, 10 min. Z. van Nijkerk, waartoe het behoort.

Dit geh. bestaat uit 6 h., waaronder 2 chichorij droogerijen, en telt ruim 30 inw.

LEEG (HET-NOORDER), onbehuisde pold., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Noorderleeg (Het).

LICHTAARD of, gelijk men eertijds zeide, Lichtavert, in het oud Friesch Lychtaurt, Lichtyauwert, Littauwert, Luttavert of Luthavert, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 u. W. van Dockum.

Men telt er 11 h. en 80 inw., die meest hun bestaan vinden in de veeteelt en de melkerij.

Aan welk bijzonder geval dit dorp zijnen zonderlingen naam verschuldigd zij, weet men niet, gelijk veelal omtrent de Friesche en andere dorpen plaats heeft. Sommigen willen dat de stichter van dit dorp een man van eene vrolijke en wispelturige inborst is geweest, en het dorp naar hem genoemd zij, gelijk vele dorpen naar den naam of eigenschappen hunner stichters genoemd zijn.

De inw. zijn allen Herv., en behooren als zoodanig tot de gem. van Reitsum-Genum-en-Lichtaard, welke hier eene kerk heeft, die vóór de Herv. aan de H. Geertruida was toegewijd. Het is een langwerpig vierkant gebouw, zonder orgel, doch met eenen stompen toren ten W., beide met lei gedekt. Aan de noordzijde van de kerk is nog zigtbaar eene zeer lage deur, die echter toegemetseld is, aan de zuidzijde van de kerk heeft men een zonnewijzer geplaatst. De toren heeft een slaand uurwerk en is van twee klokken voorzien.

De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 16 leerlingen bezocht.

LICHTTAUWERT, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Lichtaard.

LIGTAARD, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Lichtaard.

LITTAUWERT, oud Friesche naam van het d. Lichtaard, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Lichtaard.

LUNIA of Luinia, voorm. adell state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. Z. W. van Hallum; waartoe zij behoorde. Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene landhoeve. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 45 bund. behooren thans aan verschillende eigenaren.

LUTKEBUREN of Lutkebuuren, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. ten Z. van Holwerd, 1/4 u. N. W. van Marrum

MARIENGAARDE, voorm. kloost. van Monniken van de Premonstratenser orde, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 2 1/2 u. Z. W. van Hallum.

Het was gesticht in het jaar 1163, door Frederik (foto beeld), Pastoor van Hallum. Deze Frederik, de zoon van Dodo en Sybrich, te Hallum geboren, had zich reeds in zijne vroegste jeugd aan de priesterlijke waardigheid toegewijd, in het dorp zijner geboorte; bij den Pastoor Feiko, de Latijnsche taal geleerd en vervolgens te Munster gestudeerd. Op zijne reizen van huis derwaarts en ook gedurende zijn verblijf in die stad, had hij dikwijls, het klooster Mariënwaard, gelegen in Gelderland, tusschen den Rijn en de Waal, niet ver van Culenborg, bezocht. Zeer ingenomen met het godvruchtig leven der Geestelijken van dat klooster, hetwelk van de Premonstratenser orde was, begaf hij zich tot dien zelfden regel en wendde al zijn vermogen aan, om dien uit te breiden. Zijne studie volbragt en vele kundigheden verzameld hebbende, keerde hij naar huis terug, en volgde zijnen ouden leermeester Feiko, na diens dood, in de waardigheid van Pastoor van Hallum op. Nu begon Frederik, door prediking en een goed voorbeeld, zijne landgenooten tot eenen godvruchtigen levenswandel, in den geest van dien tijd, aan te sporen. Onvermoeid was hij werkzaam en bewoog vele menschen, onder welke verscheidene Edellieden, beroemd door hunne dappere daden in het oorlogsveld, het witte kleed van zijne orde aan te nemen en zich onder zijn opzigt te begeven. Verheugd en aangemoedigd door den dagelijkschen toeloop van zoo veele personen, zag hij zich zelven geene middelen bezittende, om zulk een kostbaar werk te ondernemen, bragt hij door zijne vermaningen twee adellijke vermogende vrouwen, Sia, de moeder van Reinier van Martena, en Geertruid, nicht van Keimpe en Aesge van Blya, zoo ver, dat zij hem de behulpzame hand boden. Met haren bijstand rigtte hij vooreerst in het jaar 1163 een kerkje te Hallum op, dat aan de Maagd Maria en den Evangelist Johannes werd toegewijd. Den 14 Julij, den kerkje voltooid was, werden er spoedig woonhuizen bij getimmerd en het geheel was in korten tijd tot een klein gehucht aangegroeid, waarin vele menschen konden huisvesten, en tot een klooster ingewijd. Van Blijdschap vervuld over den goeden uitslag zijner godsdienstige pogingen, reisde Frederik naar Steinveld, deed verslag aan den Proost aldaar van het voorgevallene en verkreeg van dezen alle regelen der orde. Hij zelf werd tot eersten Abt benoemd en zijn klooster Mariëngaarde geheeten. Door den grooten toeloop van volk, zoowel van mannen als van vrouwen, ongerust geworden, of het, ten behoeve van het voortdurend vroom en zedelijk gedrag zijner kloosterlingen, wel veilig was, beide seksen bij elkander te laten, zocht hij eene plaats uit, geschikt om een Nonnenklooster te bouwen. Deze aldra gevonden hebbende aan de Ee, in Tietjerksteradeel, onder het dorp Oudkerk, stichtte hij aldaar zoodanig gebouw, plaatste er de vrouwelijke bewoonster van Mariëngaarde in, noemde het Bethlehem en stelde het onder opzigt van de Abten van Hallum. Frederik is in het veertiende jaar zijner bediening, in 1175, overleden en in het door hem gestichtte klooster te Hallum in eene hooge grafstede begraven. ten tijde der Hervorming zijn de beenderen van dezen vromen man, die na zijnen door onder de Heiligen geplaatst was, ergens in Friesland verborgen gehouden, doch naderhand naar Henegouwen gevoerd en aldaar in de abdij van de Premonstratenser orde, Bonae Spei, niet ver van Binche, bijgezet.

Bij de oprigting van het bisdom van Leeuwarden, in het jaar 1559, werden de rijke goederen dezer abdij, gelijk ook die van Lidlum, te zamen drie duizend dukaten (16,500 guld.) opbrengende, aan den Bisschop tot zijn onderhoud toegewezen, doch dit was van korten duur. In de Spaansche onlusten werd het klooster verwoest, en sedert de Hervorming zijnde goederen door 's Lands Staten, ten voordeele der provincie, aangeslagen

Ter plaatse, waar het gestaan heeft, ziet men thans eene boerderij. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van ongeveer 5 bund., worden thans in eigendom bezeten en bewoond door D. J. Jippes.

MARRUM of Merrum, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd.

Het is eene groote en aanzienlijke plaats, waar weleer vele adellijke sloten gevonden werden; zoo had men er onder anderen Aysma, Botnia, Hania, Persinge, Remkema, Westerhuis, Sibada, Olbetsma en Pongastate. Zie die woorden. Men zegt, dat dit d. zeer oud is, naardien de oude stins of state Botnia reeds in het jaar 900 gebouwd werd. men telt er 140 h. en 1050 inw., van welke er velen vroeger in de cichoreidroogerijen en molens hun bestaan vonden; hoewel dit thans veel verminderd is, zijn er evenwel nog 19 cichoreifabrijken in werking.

De inw., die er op 1 na Herv. zijn, behooren tot de gem. Marrum-en-Nijkerk, welke hier eene kerk heeft. Het is een net, langwerpig vierkant gebouw, met eenen kleinen stompen toren, aan welks binnenzijde het jaargetal 1595 (waarschijnlijk dat der stichting) gevonden wordt. In het jaar 1833 is in die kerk een orgel geplaatst, hetwelk bekostigd is uit bijdragen der gemeente, benevens eene milde gift van Jonkvrouw Anna Johanna Elizabeth Baronesse Collot d'Escury, voorname grondeigenaresse dezer plaats. Dit orgel is ingewijd door den Predikant Jother Balthazar de Boer, den 23 April 1833.

De enkele Doopsgez., die men er aantreft, behoort tot de gem. van Olde-Bildzijl-en-Hallum. - De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 125 leerlingen bezocht.

MARRUM-EN-NIJKERK, kerk. gem., prov. Friesland, klass. van Leeuwarden, ring van Stiens.

Men heeft er 2 kerken, als ééne te Marrum en ééne te Nijkerk, en telt er 1250 zielen, onder welke 170 Ledematen. De eerste, die in deze gem. het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Sjoerd Pouwels Feitkema, Predikant te Hallum; daarop bekwam het eenen eigen Predikant in Sikke Wibes, voormalig Roomsche Priester, welligt in 1582, voor wien, op de Synode in 1592 besloten werd, het Emeritaat te verzoeken.

MARRUMER-EN-NIJKERKSTER-VAART (DE), water, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, welke, van Marrum en Nijkerk afkomende, in eene zuidoostelijke rigting naar de Traan loopt.

MARRUMER-VAART, gewoonlijk de Molenvaart geheeten, water, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, welke bij de voorm. staten Feytsma en Jayma een begin nemende, eerst in eene oostelijke strekking naar Marrum, en van daar in eene zuidoostelijke, vervolgens in eene zuidelijke rigting naar de Ee of Trekvaart van Leeuwarden op Dockum loopt.

MEKKEMA of Meekma, voorm. stat., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, 1/4 u. N. O. van Ferwerd; waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar het gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhofstede. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van ongeveer 10 bund., worden thans in eigendom bezeten door den Heer Ayse H. Kupers, woonachtig te Ferwerd.

MOLENVAART (DE), naam, welken men gewoonlijk geeft aan de Marrumervaart, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Marrumervaart (De).

MONNIK of Monik, hoeve, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, kant. en 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. N. W. van Ballum.

MONSMA of Montzima, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1/4 u. W. ten Z. van Holwerd, 5 min. Z. van Blya.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van ongeveer 12 bund., worden thans in eigendom bezeten door de Herv. kerk te Blya.

NAZARETH, Gennaard, Genauwert of Genezaretyh, voorm. kloost., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 1 u. Z. O. van Hallum, waartoe het behoorde. – Het werd bewoond door Nonnen van de orde van den H. Bernardus.

NIJKERK of Nieuwkerk, ook wel, ter onderscheiding van Nijkerk in Oost-Dongeradeel, Wester-Nijkerk, en in het Oud-Friesch Nytsjerke genoemd, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, aan den grooten weg.

Men denkt, dat de grond van dit d. uit later aangeslijkt land is ontstaan, welke meening eenigen grond heeft in de ligging, tusschen den grooten binnendijk en den tegenwoordigen zeedijk. Dit zoo zijnde, is de naamsoorsprong niet twijfelachtig.

Men telt er 27 h. en 230 inw., en met het daartoe behorende geh. Kopkewier 33 h. en 260 inw., die meest in den landbouw hun bestaan vinden, en twee cichoreifabrijken hebben.

De inw., die allen Herv. zijn, behoren tot de gem. van Marrum-en-Nijkerk, welke hier eene kerkje (foto) heeft, dat een klein gebouw is, met eenen stompen toren, doch zonder orgel. Deze kerk en toren staan op den grond en in het begrijp van de voormalige state Jeppema, aan den Heereweg, en is waarschijnlijk uit de goederen van Jeppema aldaar gebouwd. De geestelijkheid niettemin, deze ligging ten haren voordeele nemende, wilde de geheele state als haar eigendom hebben aangemerkt. Het geschil hierover werd door Bisschop Cunerus Petri, in het jaar 1570, bijgelegd.

De Dorpschool is gecombineerd met Marrum en wordt gemiddeld door een getal van 100 leerlingen bezocht.

Weleer lag hier de genoemde Jeppema-state, waarvan nog de stalling, singels, grachten enz. aanwezig zijn, en thans nog de zathe Tjallinga, waarop en uit wier opbrengst zes weezen worden onderhouden.

NOORDERLEEG, pold., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd, N. W. van Hallum, waartoe hij behoort; palende N. aan de Wadden, O. aan de Keegen, Z. aan het Nieuwe-Monnicken-Bildt, W. aan de Bildt-Pollen.

Deze pold., welke in het jaar 1765 bedijkt is, beslaat, volgens het kadaster, eene oppervlakte van 157 bund. 51 v. r. 23 v. ell., en bevat 5 huizen met schuren. Het polderbestuur bestaat uit twee Leden.

OFFINGA, Offinga-state of Offinga-burg, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd, 20 min N. W. van Hallum.

Deze state is in het midden der voorgaande eeuw afgebroken, zoodat er thans niets meer van over is, dan eene boerenwoning. De daartoe behoorende gronden, beslaande vermoedelijk eene oppervlakte van 30 bund., worden thans in eigendom bezeten door mevrouw de weduwe Medendorp, te Leeuwarden.

OLBETSMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. ten Z. van Holwerd, 1/4 u. Z. W. van Nijkerk, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizinge. De daartoe behoord hebbende gronden, worden thans in eigendom bezeten door onderscheidene personen, woonachtig te Ferwerd en elders.

ONDERSMA, voorm. stat., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 10 min. Z. van Hallum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse waar zij gestaan heeft, is in het jaar 1653 de hofstede Jongestal gesticht. Zie dat woord.

Later is aldaar een nieuw landhuis aangelegd, hetwelk thans bezeten en bewoond wordt door den Heer R. J. van der Ley.

OOG-VLIET, voorm. water, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd, 1/4 u. Z. van Ferwerd, in de Marrumermieden, thans door inpoldering droog land.

OOSTERBEINTUM of Oosterbeyntum, b., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/4 u. Z. ten W. van Holwerd, 3/4 u. O. van Ferwerd, waartoe zij behoort; met 5 h. en ongeveer 40 inw.

OOSTER-NIJKERK, naam, welken men wel eens geeft aan het d. Nijkerk, kw. Oostergoo, griet. Oost-Dongeradeel, om het te onderscheiden van het d. Nijkerk in Ferwerderadeel.

PAYMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. N. N. W. van Hallum, waartoe het behoort.

PONGA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. ten N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. Z. Z. O. van Marrum, waartoe zij behoorde.

De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 22 bund. 41 v. r., worden thans in eigendom bezeten, door den Heer Isaac Gijsbert Arentsma Martin, woonachtig te Hallum.

REITSUM, ook Reisum en Reidsum gespeld, in het oud Friesch Reysum, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. van Holwerd. men telt er 11 h. en 70 inw., die meest hun bestaan vinden in den landbouw en in de vlasteelt.

De inw., die er allen Herv. zijn, behooren tot de gem. Reitsum-Genum-en-Lichtaard. De in 1738 gebouwde kerk, is een langwerpig achthoekig gebouw, met een wolvendak, op het midden een koepeltorentje, de Klapmuts genaamd; de predikstoel staat in het oosteinde, de eenige ingang is ten Westen. De kerk heeft eenen kleinen hangzolder, in het geheel ongeveer 100 zitplaatsen en geen orgel. In het torentje hangt eene kleine klok, zoo men zegt, afkomstig van het klooster Klaarkamp, die door middel van een touw door het kerkdak midden in de kerk geluid wordt.

Men heeft in dit d. geen school, maar de 20 schoolpligtige kinderen genieten onderwijs te Lichtaard.

Vroeger had men in dit d. de State Stania, thans nog Staniahuis genoemd.

REITSUM-GENUM-EN-LICHTAARD, kerk. gem., prov. Friesland, klass. en ring van Dockum.

Men telt er 300 zielen, onder welke 40 Ledematen, en heeft drie kerken, als: ééne te Reitsum, ééne te Genum en ééne te Lichtaard. De eerste, die te Reitsum het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Arnoldus Annii, die in het jaar 1579 herwaarts kwam van Jelsum, alwaar hij ook R. K. Pastoor was geweest, en in het jaar 1615 overleden of vertrokken is. Gedurende zijne dienst werd Genum er bijgevoegd.

De dorpen Reitsum, Genum en Lichtaard worden de dorpen der Vlieterpen genoemd, dewijl zij op en nabij eenige hooge terpen liggen, die bij de vroegere overstromingen dienden, om daarop te vlugten, en alzoo het water te ontvlieden.

REMKEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. van Holwerd, bij en ten Z. van Marrum.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoorende gronden, beslaande eene oppervlakte van 18 bund. 16 v. r. 10 v. ell., worden thans in eigendom bezeten door Jelle Miedema, woonachtig te Marrum.

REYNALDA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. van Holwerd, 10 min. N. O. van Wester-Nijkerk.

Ter plaatse waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 29 bund. 60 v. r. 20 v. ell., worden thans in eigendom bezeten en bewoond door de weduwe Jan Krol.

RHALA (KLEIN), voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 3/4 u. Z. O. van Hallum, waartoe het behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, stond later eene boerenhuizing, welke in 1843 is afgebroken. Thans is het een stukje greidland, groot 5 v. r. 90 v. ell., wordende thans in eigendom bezeten door den Heer Willem Albarda, woonachtig te Leeuwarden.

RIJP (DE), geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Ryp (De).

ROORDA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant en 1 1/2 u. Z. Z. W. van Holwerd, onmiddellijk ten W. van Genum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenwoning. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 1 bund. 73 v. r. 50 v. ell., worden thans in eigendom bezeten door de erven Jacob Bottes Roorda, woonachtig te Genum en elders. Deze state werd in 1481 Syds Roorda.

RYP (DE), geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. W. ten Z. van Holwerd, 1/4 u. Z. W. van Blija, 1/4 u. N. O. van Ferwerd, waartoe het behoort; met 10 h. en 60 inw.

SASKERA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2  u. N. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. ten Z. W. van Holwerd, 10 min. N. van Nijkerk, waartoe het behoort.

De plaats, waar zij gestaan heeft, is thans een stuk bouwland. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 28 v. r. 60 v. ell., worden thans in eigendom bezeten, door Sjoukje Klazes Hogendijk, weduwe Johannes Meekma, woonachtig te Ferwerd.

SCHELTAMA of Scheltema, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. Z. W. van Holwerd, 5 min. O. van het d. Blija, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans een stuk bouwland, hetwelk eene oppervlakte van 36 v. r. beslaat, en thans in eigendom bezeten wordt door Sybe Palma, woonachtig te Hoogebeintum.

SCHENKENSCHANS, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4  u. W. N. W. van Wanswerd, waartoe het behoort, aan de Marrumer-vaart; zijnde thans eene boerenwoning met tuin, groot 40 v.r. 30 v. ell., toebehoorende aan Mej. Baudina Lookma, echtgenoot van den Heer Nicolaas IJpey, te Leeuwarden.

SIGERA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. Z. van Hallum, waartoe zij behoorde.

SMINIA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, 1/2 u. N. van Ferwerd, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenwoning, welke met de daartoe behoorende gronden, beslaande eene oppervlakte van 62 v. r. 70 v. ell., in eigendom wordt bezeten door Jonkheer Hobbe Baerdt van Sminia, woonachtig te Bergum.

STANIA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. van Holwerd, 1/4 u. N. O. van Reitsum, waartoe zij behoorde.

In het jaar 1439 woonde aldaar Taco Stania. - Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans twee boerenhofsteden, welke, met de daartoe behoorende gronden, in eigendom bezeten worden de eene door den Heer Aart Petrus Hendricus Kuipers, te Leeuwarden, en de andere door Vrouwe Adriana Bernhardina Trip, te Ysbrechtum.

STANIA-BUREN, b., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. Z. van Holwerd, 1/4 u. N. O. van Reitsum, waaronder zij behoort.

STERKENBURG, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. O. N. O. van Blija.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men een stuk bouwland, beslaande eene oppervlakte van 74 v. r. 20 v. ell., in eigendom bezeten door Vrouwe Johanna Margaretha Westenberg, echtgenoot van den Heer Goodsen Westra, Rijks-Ontvanger te Minnertsga.

SYTJEMA, Sytgema of Sythiema, voorm. state, prov. Friesland, griet. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 2 1/4 u. Z. W. van Holwerd, 10 min. O. van Hallum, waartoe het behoorde.

Op deze state woonde in het jaar 1307 Oene Sytjema, Grietman van Ferwerderadeel, en in het midden der vorige eeuw is hij bezeten geweest door Menno Burmania van Tjaarda; doch zij is op het laatst dier eeuw afgebroken.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans tuin en boomgaard, beslaande eene oppervlakte van 1 bund. 85 v. r. 88 v. ell., wordende in eigendom bezeten door Jan Titzes Bosch, woonachtig te Hallum.

SYTZAMA of Sytsma, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. Z. ten W. van Holwerd, 1/2 u. Z. O. van Blija, waartoe zij behoorde.

TANIA (GROOT-), voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 20 min. N. O. van Blija, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing, beslaande eene oppervlakte van 67 v. r. 30 v. ell., in eigendom bezeten door den Heer Onno Reinst van Andringa de Kempenaar, nomine uxoris, woonachtig te Leeuwarden.

TANIA (KLEIN-), voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 20 min. N. O. van Blija, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans een stuk bouwland, beslaande eene oppervlakte van 1 bund. 13 v. r. 20 v. ell., wordende in eigendom bezeten door den Heer Jan Albarda, woonachtig te Marrum.

TERGRACHT, b., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. Z. van Wanswerd, waartoe zij behoort, aan de trekvaart van Leeuwarden op Dockum.

TJALLINGA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, bij Ferwerd, waartoe zij behoorde. - Deze state is in het jaar 1500 door Kapitein Crombach afgebrand.

TJALLINGA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, W. van Nijkerk, waartoe zij behoorde. - Van deze state bestaat thans nog eene zathe, waarop en uit welke zes weezen worden onderhouden.

UITSJOEG, h., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/4 u. Z. Z. W. van Holwert, 1/4 u. N. ten O. van Genum.

UNEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. W. Z. W. van Holwerd, 5 min. N. ten W. van Blija, waartoe zij behoorde.

Janke Unema, getrouwd met Tet Wybelsma, is Overste geweest van 500 voetknechten, die door de Friesche Edelen, in het jaar 1514 twee maanden lang, onderhouden werden, om den 21 penning af te koopen. In 1602 woonde op Unema-state Tako van Aylva, Grietman over Ferwerderadeel, en in 1635 nog zijne weduwe Barbara van Douma. In 1640 woonde ter zelfder stede Hobbe van Aylva, Tako's broeder. In het jaar 1539 trouwde alhier, op den 19 April, Rins Aytta met Popke Montzima, welke beide in December 1547 zijn gestorven.

Ter plaatse, waar de state Unema gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 1 bund. 13 v. r. 30 v. ell., worden in eigendom bezeten door Dirk Idses Unema, woonachtig te Blija.

VAARDE-BUREN, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1/2 u. Z. Z. W. van Holwerd, 1/4 O. Z. O. van Blija, waartoe het behoort; met 16 h. en 120 inw. – het draagt dien naam naar de Blijervaart.

VEENSTRA-HUIS, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 Z. Z. W. van Holwerd, 1/4 W. Z. W. van Genum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse waar zij gestaan heeft ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden beslaande eene oppervlakte van 49 v. r., worden thans in eigendom bezeten door Vrouwe Amelia Gerardina de Schepper, echtgenoot van Jr. T. A. M. A. van Andringa de Kempenaer, woonachtig te St. Anna Parochie.

VENEMA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 4 u. N. ten O. van Leeuwarden, kant. en 3/4 u. W. ten Z. van Holwerd, N. W. van Blija, waartoe zij behoorde.  – De juiste plaats, waar zij gestaan heeft, is niet meer bekend.

VIJFHUIZEN, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. En 2 1/2 u. W. Z. W. van Holwerd, 1/2 u. W. N. W. van Hallum, waartoe het behoort, aan den Zeedijk; met 6 h. en 30 inw.

VROSSCHE-POLLE, buurtje, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel. Zie Froske-Polle.

WANSWERD, d., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. W. van Holwerd. Men telt er in de kom van het d. 39 h. en 125 inw. en, met de daartoe behoorende geh. Ter-Gracht en Wirdsterterp, alsmede de noordzijde van het d. Birdaard, 59 h. en 380 inw., die meest in den landbouw en veeteelt hun bestaan vinden.

De Herv., die er 450 in getal zijn, behooren tot de gem. van Wanswerd-en-Jelsum. (foto) - De Christ. Afgesch., die men er 80 aantreft, worden tot de klass. van Leeuwarden gerekend. - De dorpschool wordt gemiddeld door een getal van 40 leerlingen bezocht.

Vroeger stond hier de state Goslinga en de Doniastate bij de Doniaterp, tusschen Wansum en Birdaard.

WANSWERD-EN-JELSUM, kerk. gem., prov. Friesland, klass. en ring van Dockum, met 2 kerken, eene te Wanswerd (foto) en eene te Jelsum en 530 zielen, onder welke ruim 60 Ledematen.

De eerste, die in deze gemeente het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Bernardus Acronius, naar zijne geboorteplaats, Akkrum, aldus genoemd. Wegens zijne Hervormde gevoelens genoodzaakt te vlugten, ging hij naar Oost-Friesland, waar hij, in 1569, Predikant werd te Jarsum. In 1579 keerde hij herwaarts terug, en heeft hier eenige jaren de dienst als Hervormd Predikant waargenomen, doch schijnt naar Jarsum weder gekeerd te zijn, althans zijne vrouw overleed daar den 22 December 1593.

WANSWERDER-MADDEN (DE), streek laag land, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, ten Z. van het d. Wanswerd, tusschen de Marrumer-vaart en de Ee, en eene oppervlakte beslaande van 10 bund.

WANSWERDER-MEER (HET), of het Wielder-meer, meer, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, 10 min. Z. W. van Wanswerd, dat ten N. met de Marrumer-vaart en ten Z. door de Wanswerdervaart, met de Ee in verbinding stond. Thans is het drooggemalen en maakt alzoo eenen polder uit, welke eene oppervlakte beslaat van 38 bund.

WANSWERDER-VAART (DE), water, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, hetwelk van het Wanswerdermeer afkomt en met eenen zuidelijke rigting naar Ter-Gracht loopt, en zich daar in de Dockumer trekvaart ontlast.

WATA, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 1/2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. N. W. van Hallum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 53 v. r. 40 v. ell., worden in eigendom bezeten door Vrouwe J. H. R. van Boelens, echtgenoot van den Heer Jr. F. J. J. van Eysinga, woonachtig te Leeuwarden.

WESTERHUIS, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 2 u. W. Z. W.  van Holwerd, 20 min. W. van Marrum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene arbeiderswoning, De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 1 bund. 72 v. r. 80 v. ell., worden in eigendom bezeten door Sybe Gerrits van der Leest, woonachtig te Hallum.

WIMA of Wyma, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 1/2 u. N. O. van Leeuwarden, kant en 1 1/2 u. Z. ten W. van Holwerd, 5 min. N. W. van Hoogebeintum, waartoe zij behoorde.

Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene boerenhuizing. De daartoe behoord hebbende gronden, beslaande eene oppervlakte van 50 v. r. 70 v. ell., worden in eigendom bezeten door den Heer Jan Rienks Rienks en Mede-eigenaren, woonachtig te Hallum.

WINIA, later Ponga, voorm. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 3 u. N. van Leeuwarden, kant. en 1 1/2 u. W. ten Z. van Holwerd, 5 min. Z. O. van Marrum, waartoe zij behoorde. Ter plaatse, waar zij gestaan heeft, ziet men thans eene hoeve.

WIRDSTERTERP, geh., prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. en 2 1/2 u. N. N. O. van Leeuwarden, kant. en 2 u. Z. W. van Holwerd, 1/4 u. N. W. van Wanswerd, waartoe het behoort; met 4 h. en ongeveer 30 inw.

YLVA of Ayluwa, voorm. adell. state, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, onder Genum. Zij werd in den oorlog tusschen de Gelderschen en de Friezen, in het jaar 1515, door de eersten afgebrand.

ZWARTEWOUDE of Zwartewold, streek lands, prov. Friesland, kw. Oostergoo, griet. Ferwerderadeel, arr. Leeuwarden, kant. Holwerd; palende N. W. aan den rijweg van Hyum naar Hallum, N. O. aan de Hallumervaart, Z. O. aan de Hallumermieden en Z. W. aan het Hyumermeer, en eene oppervlakte beslaande van 3 bund. 65 v. r. 50 v. ell.